Rechtvaardige Rechters

“Ventje, de Rechtvaardige Rechters!” roept mijn vrouw vanuit de keuken. Hebben ze die nù al gevonden? Dat zou vroeg zijn. Gisteren lag de Kalandeberg nog dicht. Mijn teleurstelling is groot als ik verneem dat ze het over het komisch radioprogramma heeft. Let wel, geen slecht woord over dit uiterst onderhoudend programma op radio 2. Ze mogen mij ook eens uitnodigen.

“The show must go on”… en liefst tot aan de verkiezingen,  moet de burgemeester van Gent gedacht hebben wanneer hij bij de voorstelling van het nieuwe boek van Marc de Bel, de Veertiende Brief, de inleiding gaf. Een beetje extra publiciteit voor de sperperiode kan geen kwaad. “Geen graafwerken!”, beval de burgemeester. Wedden dat het plein pas begin oktober wordt opengelegd? Voorkennis is geen misdaad bij verkiezingen. Stel je voor dat Termont de geschiedenis kan ingaan als dé burgemeester die het paneel van de Rechtvaardige Rechters terugvond. Eeuwige roem! Niemand die nog over Optima of de Rubeccan spreekt. Gheysens, wie is dat?  SOgent? Publipart? Faits divers! Termont, de redder van Van Eyck! In 2029 zien we hem gegarandeerd vijf keer per dag op National Geographic.  Misschien noemen ze later nog een grote sport- en evenemententempel naar hem. Stel je voor: de Termont Arena.

De coalitiepartners moeten groen van afgunst zien bij al die publiciteit. Nochtans hebben zij hier niets bij te winnen. De Rechtvaardige Rechters zitten duidelijk op paarden en niet op bakfietsen, en het zijn allemaal blanke mannen. Het enige bruin is het bruin van de paarden.  Het werk van de gebroeders van Eyck is geen reclame voor het mobiliteitsplan, noch voor het gelijkekansenbeleid. En kindjes staan er ook al niet op. Het kunstwerk mag gerust geklasseerd worden als kindonvriendelijk, ergo on-Gents.  De Rechters mogen verder wegschimmelen in de geheime gang onder de Kalandeberg als het van Groen afhangt. En het plein openbreken zou ook al geen teken van goodwill zijn voor de talloze Gentse fietsers, ook niet voor de hardnekkige, tussen 11 uur en 18 uur. Vooral die laatsten mogen ze niet verliezen op 14 oktober.

Blijkbaar zijn er al honderden theorieën rond de Stoutmoedige Diefte. Wie ligt er dan nog wakker van Termonts hoop op eeuwige roem. Vandaag gaat het over voetbal. Panama is de eerste struikelsteen op weg naar de eeuwige roem van de Rode Duivels en die hebben me dunkt meer supporters dan onze burgervader. Alleen al Kevin De Bruyne heeft  25 keer meer volgers op twitter. En die is toch van Drongen. Misschien wordt hij wel het witte konijn van de burgerpartijen. KDB for mayor! Hopelijk trapt hij ons eerst naar de WK-finale met zijn rechtvaardige rechter.

Trofeeënkast

Ze mogen er weer één bijschuiven, een beker in de trofeeënkast aan de Botermarkt. Gent is, na 2015,  voor de tweede maal op rij uitgeroepen tot Fietsstad van Vlaanderen. De wilde weldoener van dienst is de Vlaamse Stichting Verkeerskunde. De laureaat, Gent dus, werd gekozen uit 35 kandidaten die hun concrete realisaties en toekomstplannen op het vlak van fietsbeleid mochten toelichten. Het zal wel geen toeval zijn dat het enige beleid dat Gent nog lijkt te voeren een fietsbeleid is. Woonbeleid? Armoedebeleid? Allemaal de fiets op. Gent won trouwens ook, tot groot genoegen van onze mobiliteitspaus, de publieksprijs én de deelawards voor ‘fietsinfrastructuur’, ‘fietsparkeren’ en ‘veilige fietsnetwerken’.  Of de trofeeënwoede van de stad Gent de Gentse Burgers nog enigszins kan beroeren is een groot vraagteken. Een enthousiast twitterende burgemeester van een stad van 260.000 inwoners met 60.000 volgers op twitter, haalde met zijn tweet over deze elvendertigste stadstrofee 147 likes en 10 lauwe reacties.       De schepen van mobiliteit met 5.900 volgers haalde met zijn aankondingstweet 125 likes en eveneens 10, zij het iets positievere commentaren. Blijkbaar heeft hij beleefdere volgers dan de burgemeester. Dat moet voor hem perspectieven openen in oktober.

Zou er ook zoiets bestaan als een nominatiekast? Gent is genomineerd om de European Green Capital te worden in 2020.  Leuk, denk ik toch.  Gent wàs ook genomineerd voor de Cavaria Award 2018 maar greep naast de prijs. Die ging naar Ketnet met de dokter Bea show en naar Piet De Bruyn die de Cavaria Campaign Award kreeg voor zijn werk als algemeen rapporteur voor de rechten van LGBTI-personen in de Raad Van Europa. Dat de immer sympathieke  Eva Van der Gucht die gestalte geeft aan de vrolijke dokter Bea, de prijs wegkaapte mag voor onze burgemeester een magere troost zijn maar dat uitgerekend een Vlaams nationalist als Piet De Bruyn een award kreeg moet in de catacomben van de Botermarkt hard zijn aangekomen. De erfvijand die een prijs wint waar je als stad van vindt dat je met je “Hij/Zij Voorbij” campagne er zelf recht op hebt, dat doet zeer, écht zeer. En tegen Piet De Bruyn kan Termont moeilijk fulmineren dat hij beschaamd moet zijn.

Misschien kan het stadsbestuur met hun initiatief voor herbruikbare bekers op de Gentse Feesten volgend jaar de “Award voor Herbruikbare Bekers“ winnen. Als die nog niet bestaat organiseren ze hem zelf wel. Het Gentse progressieve bestuur kan zich alvast optrekken aan de steun van de Vlaamse milieuminister die een algemeen verbod op plastiek wegwerpbekers voorstelt. Steun van de tsjeven, dan kan nog er nog juist door. Misschien hebben ze straks Mieke Van Hecke broodnodig om net niet gewipt te worden uit het stadsbestuur. Een beetje overeenkomen kan dus helpen. De stad besliste om in zee te gaan met de firma  EcoCup uit Grâce-Berleur bij Luik om 500.000 herbruikbare drinkbekers in te zetten op de Gentse Feesten. Precies 151 kilometer verwijderd van het hart van de Feesten worden de cups dagelijks ecologisch gewassen, gedroogd en teruggestuurd over de weg, met een vrachtwagen op CNG. Compressed Natural Gas, dé vrijgeleide om elk ecologisch initiatief  groen licht te geven en subsidies toe te kennen. Maar toch een goede zet me dunkt. Als centrumbewoner kan ik het appreciëren om ’s morgens rond 8 uur niet door een vuistdik tapijt van stinkende plastiekbekertjes naar mijn werk te moeten stappen. Maar of de drinkbekers aan 1 euro waarborg dé oplossing zullen zijn,  valt af te wachten. Ik vrees dat Ikea voor geruime zijn voorraad Pokal-glazen aan 0,59 € uit het assortiment mag nemen, want voor studenten die in een tiental dagen voor  een paar honderd euro’s pinten en trendy cocktails achterover kappen is 6 euro voor een setje fancy drinkbekers waarlijk géén geld. Ook iets voor op kot, in hún trofeeënkast.

Babylon aan de Leie

Het wordt lente. Aan de temperatuur zou je het niet zeggen. Die verdomde vulkaanuitbarstingen gooien nog steeds roet in het eten en in de lucht. Het blijft kil. Het leven in de stad is hard voor bejaarde mensen. Er zijn niet alleen de terugkerende stroomonderbrekingen en het tekort aan gesubsidieerde houtpellets, zelfs aan eten geraken is geen makkie. Bij de stadsboerderijen verstaan de  verkopers mij amper nog, of ik hen niet. Dat laatste kan ook aan mijn hardhorigheid liggen. Als ik dan eens een thuismaaltijd bestel, wanneer mijn rollator met ingebouwd-hoogrendement-biogas-micromotortje-met-recuperatiefilter het laat afweten, is het ook behelpen aan de telefoon. Dat de Bikeroo’s al lang geen Nederlands meer praten, is gekend. Zolang ze mijn adres terugvinden ben ik al heel tevreden.

Maar vorige week, op maandag 28 mei 2029,  kreeg ik een vervelend bericht in de bus. De Koningstraat waar ik al 14 jaar woon verandert van naam. Deze keer was het geen  initiatief van een duister clubje SJW’ers die de wandaden van één of andere Belgische koning wil verketteren. En sinds de degradatie van koningin Elisabeth tot ceremonieel staatshoofd  in 2025 wordt er met het Belgisch koningshuis nog weinig rekening gehouden. So, who cares? De Koningstraat wordt gewoon: Sector 2, straat 18. Geïnspireerd op het oude Sint-Lucas ziekenhuis, dacht ik nog. Kwatongen beweren echter dat het komt omdat de meeste Gentenaars geen Nederlands meer kunnen lezen. Spreken deden ze al een tijdje niet meer.  Sinds de afschaffing van het Nederlands als verplichte spreektaal op school werd het moeilijk om nog een zinnig gesprek aan te gaan met een deel van de buren. Met de meeste politici was dat al meer dan een decennium niet meer mogelijk.  Maar na de afschaffing van het Nederlands als leestaal in 2021, was het hek helemaal van de dam. De bedrijven hadden het al moeilijk om nog Vlaamstalige werknemers te vinden, de laatste jaren is het een complete ramp. Mijn zoon vindt zelfs geen enkele magazijnier meer die onze landstaal voldoende machtig is. De anderstalige bedrijfjes groeien en bloeien nochtans en dit tot grote vreugde van het Directoraat van de stad. De oorspronkelijke Gentse ondernemers worden nu verplicht zich aan te passen en Turks, Bulgaars, Arabisch, Pools of één of andere Servo-Kroatische taal te leren. Moeilijk gaat ook. De meeste mensen passen zich dan ook aan. We moeten wel, dat heeft de democratie beslist. Ook aan de abrupte afkoeling van de aarde hebben we ons aangepast. Maar dat aanpassen aan al die vreemde talen wordt voor ons bejaarden steeds lastiger. In het dienstencentrum zijn er nu gelukkig twee volle dagen voorzien voor Nederlandstaligen. Na protest en lang aandringen van de burgerbewegingen is er uiteindelijk een halve dag bijgekomen.

Binnenkort wordt tijdens de Gentse Spartakiade in de Termont Arena de 150.000-ste anderstalige Gentenaar gevierd. Een jongeman uit Luxemburg die enkel het Lëtzebuergesch spreekt. Prompt zullen door het Opperste Onderwijsorgaan  klassen ter beschikking gesteld worden aan de volgmigranten voor taallessen Lëtzebuergesch, betaald door het Luxemburgs Junckerfonds, ter promotie van de taal, de politiek en de cultuur van ons buurland. Benieuwd of het initiatief van de Luxemburgers evenveel bijval zal hebben als dat van president Erdoğan destijds.

Korte Keten

Zelden heb ik écht zin in groenten. Mijn ouders waren dan ook pure carnivoren. Elke week minstens twee maal biefstuk, in de échte boter gebakken, twee maal worst, één- of tweemaal vis, we woonden in Oostende, en dan nog wat zelfgemaakte stoverij of lekkere vol au vent. Hamburgers, boomstammetjes en Ardeense schijven bestonden nog niet. Mayaworst evenmin.  En telkens met veel aardappelen. Groenten waren garnituur. En het smaakte, keer op keer, de occasionele spruiten of witloof ten spijt. ’s Avonds américain bij de boterham of een schel boerenhesp. Mét zwoerd. Mijn vader heeft honger gekend in de oorlog en ík moest dan het zwoerd opeten. Vet.

Elke vegetariër of godbetert veganist, en zo leven er wat in Gent,  moet nu staan gruwen en zonder enige vorm van mededogen mijn ouders beschuldigen dat ze de gezondheid van hun zoon blootgesteld hebben aan onaanvaardbare gezondheidsrisico’s zoals een marginaal verhoogde cholesterol en een aan de hoge kant uitgevallen BMI. Duvel ben ik pas beginnen drinken toen ik het huis uit was, maar dat zullen ze for the sake of argument niet vermelden. Misschien denken ze wel dat hun vroege dood een politiek correcte straf is voor hun ongezonde levensstijl die ze bovendien aan hun nakomeling met wrede genoegzaamheid hebben opgedrongen. Ik verwacht van vegetariërs of veganisten geen factcheck maar ik kan hen zwaar teleurstellen met de kennis dat mijn ouders, 87 en 88 jaar oud, nog in prima gezondheid zijn, alle dierlijke eiwitten en vetten ten spijt.

Maar áls ik dan toch eens zin heb in groenten ga ik om de hoek bij Bayram. De immer sympathieke Gentse Turk moet zowat de lekkerste groenten en het sappigste fruit uit de buurt hebben. Hiervoor moet ik geen 100 meter stappen dus dacht ik dat ik hiermee in de kaart speelde van Team Gent en een levend voorbeeld was voor de korte keten. Bij nader inzien merkte ik op dat zijn aardbeien uit Hoogstraten kwamen en dat ligt volgens Google Maps toch zo een kleine 100 kilometer hier vandaan. Enig opzoekwerk leerde mij dat de korte keten dan ook iets anders is. Op de website van Stadslandbouw Gent lees ik dat landbouw en politieke filosofie (of lees ik hier onwrikbare overtuiging?) heel kort bij elkaar staan. Op de website van Gent Klimaatstad lees ik dat het beter is om de productie en de consumptie dicht bij elkaar te houden én dat Gent weer eens genomineerd is voor een zoveelste award. Maar dit laatste doet niet ter zake. Op de website van de stad Gent zelf lees ik dat de stad begaan is met voedsel. Gent en Garde, dat een tactisch masterplan om het voedselsysteem in Gent te verduurzamen nastreeft, verwijst naar een door de stad Gent bestelde studie  die  de noodzaak van de korte keten aantoont. De politieke filosoof van de werkgroep stadslandbouw schrijft het rapport dat stadslandbouw aanbeveelt. Klinkt als: wij van WC-eend adviseren WC-eend. Misschien is het dat wat de Gentse politiek bedoelt met de korte keten.

Buiten de stadslandbouw vind je dit ook terug in andere domeinen, denk maar aan Stadsontwikkeling.  Projecten toekennen kan evengoed in een korte keten. Vandaag ontwikkel ik, morgen ben ik jurylid. Het volgende project andersom. Scratch my back, I’ll scratch yours. De korten keten dus. Op zaterdag ben ik, zoals steeds, wat gemakzuchtig maar gelukkig is er Bert Staes, de fiabele scribent van het stadsbestuur, die een en ander duidelijk maakt over de stappen die enkele partijen in de soap rond Sogent ondernemen. Nu de stad naar het parket stapt denk ik dat ook hier de korte keten gevonden is. Misschien was een coöperatieve parketmagistraat met een groot voetbalhart aanwezig was op een ongedocumenteerd avondje skyboxen, of liep er toevallig een bereidwillige procureur in de vochtige kamer rond? In Italië heeft de nieuwe regering alvast een ban op de verenigbaarheid van ministerschap en lidmaatschap van de loge afgekondigd. Een los ideetje voor de volgende gezagsdragers in Gent? Het zou wel heel wat afbreuk doen aan het principe van de korte keten.

En wedden dat de korte keten net één van de verkiezingsthema’s van Team Gent wordt?

Coyendans met Castro

De Centrale, het spraakmakende intercultureel centrum, troetelkind van het progressief Gents stadsbestuur, organiseerde op 19 mei het gratis wijkfestival Goûts de Gand in het Coyendanspark. Ik ging kijken.

Nadat ik de zee van fietsen had getrotseerd kwam ik via de toegangspoort op een leuke, warme en samenhorige binnenplaats. Schattig. Veel kindjes, veel kraampjes, veel wereldmuziek. Klinkt mega superwijs voor velen, maar voor mij dat is gewoon folk van den Aldi. Rock’n Roll is denkelijk té blank, of té wit, of té crèmekleuring?

Ook veel lekkers uit Afghanistan, Palestina, Indië, Bangladesh, Japan, Bulgarije, Roemenië. Maar weinig hoofddoekjes, het was nu eenmaal Ramadan (of Ramazan voor de Turkse lezers) en sneukelen zat er dus niet in. Ze moesten wachten tot 21.31 uur, zonsondergang in Gent. Dus slechts 29 minuten om te schransen. Dergelijke festivalletjes sluiten blijkbaar om 22 uur. Misschien moet De Centrale de timing volgend jaar beter in de gaten houden.

Verzameld links aan de bonnetjesstand. Mama’s met kindjes, veel kindjes, mogelijks ook van de buren maar dat was er niet aan te zien. Altijd herkenbaar aan hun donkergroene collants, halfhoge bruine cowgirllaarsjes, overhangend versleten rokje en tweedehands lederen vestje. Als je ze ziet is de bakfiets nabij. En de kindergrime. Papa’s met de vaporiser, baardje van een paar dagen en bio-pintje in de hand. Cool. De wat oudere dames, volledig schmink- en manvrij, meestal met hennagekleurd en gemillimeterd haar, keken mij, zoals steeds, wantrouwend aan. Ik moet geboren zijn met die conservatieve oude-venten-blik in de ogen. Zoveel is zeker.

Bon, niets dan goed over dit multicultureel festijn. Ouders paffen hun zelfgerolde shags, al dan niet verrijkt met goedkope wiet. Maar ze doen het tenminste niet in de auto.

Alleen begreep ik de aanwezigheid van een standje diehard Cubafans niet. Okay, Peruaanse muziek, Braziliaanse zoetigheden, Mexicaanse drankjes… maar de beeltenis van Ché, de vergane linkse glorie, nog enkel goed om de T-shirts te tooien van een paar overjaarse hippies of Madurofans? Ik zocht tevergeefs naar een standje met Chilifans en Pinochet T-shirts. Een beetje zuidelijke Andescultuur zou niet misstaan. Of gaat het over wie de grootste moordenaar in zijn rangen heeft? Wat telt er meer: helikopters of standrechtelijke executies? Of is het laatste dan iets meer multicultureel dan het eerste?

Terwijl ik me weer op weg naar huis begaf, bleef die vraag spelen. Wie de grootste moordenaar is wordt meestal bepaald door geschiedenis van de overwinnaars en de verliezers. Montgomery stuurde per vergissing duizenden soldaten de dood in, maar hij zat langs de goede kant. Langs welke kant Ché zich nu bevindt wordt niet bepaald door de geschiedenis maar door het verhaal van wie het hier voor het zeggen heeft.

De Zevende Dag

Ik moet ootmoedig toegeven, de Zevende Dag is al lang geschrapt van mijn zondags verlanglijstje. Ik ruil graag deze twee uren van politiek activisme in voor een gezonde wandeling door de op dat uur vaak lege binnenstad van Gent. Of voor de elfurenmis in onze prachtige Sint Baafskathedraal. Een oase van rust en contemplatie waar we met zekerheid geen Gentse politici tegen het lijf zullen lopen, behalve Mieke Van Hecke, maar sommigen beweren dan ook dat zij geen politica is. Soit, een aanrader, zeker in de komende maanden.

Vorige week maakte ik graag een uitzondering. Onze groene mobiliteitspaus Watteeuw kruiste de degens met het duracell konijn van de NVA Ben Weyts, bij de trouwe kijkers van Villa Politica ook de Flemish Fainter genoemd. Uiteraard ging het over mobiliteit en kwaliteit van het openbaar vervoer. Het bijhorend filmpje was best onderhoudend. Men interviewde enkele argeloze wachtenden aan de Zuid. De opmerking van een felle mevrouw die niet kontent was over de vertragingen maar wel over de bereikbaarheid van haar bestemming “als de vakbonden niet staken”, werd door de regisseur niet weggeknipt. Een onachtzaamheid van een omnipresente VRT-syndicalist, of een stiekeme NVA’er achter de knoppen die toch bij de VRT is binnengeraakt? Ook de opmerking van de gepensioneerde man die zijn abonnement van 53 euro per jaar eigenlijk veel te goedkoop vond bleef ongecensureerd. Steve Stevaert draait zich om in zijn graf. Uiteindelijk mocht de studente die 209 euro voor 365 dagen met bus of  tram rondrijden te duur vond,  toch het vaandel van de kritische jeugd hoog houden. 238 euro voor 4 dagen Rock Werchter was in deze context geen issue.

Terug naar het gesprek van de twee tenoren. Ben Weyts probeerde ADHD-gewijs de zoals steeds stekelige vragen van Phara De Aguirre over de tanende tevredenheid te counteren door aan te tonen dat De Lijn een traag kerende tanker is. De verminderde stiptheid, de gebrekkige reizigersinformatie, de geschrapte diensten… allemaal de schuld van de gigantische inertie van een groot zeeschip. Je zou denken dat niet Philippe De Backer maar Ben Weyts staatsecretaris voor de Noordzee was.

Watteeuw verraste dan weer vriend en vijand door toe te geven dat hij achter het idee voor een Antwerpse mobiliteitsnet van NVA-schepen Koen Kennis stond. Les extrêmes se touchent? Toch als het op openbaar vervoer aankomt. Misschien was Siegfried Bracke beter over trams dan over Publipart begonnen. Er kon iets moois gegroeid zijn in Gent.

Terug naar de blauw-gele MIVG bussen? We hebben al bleekblauwe wandelbussen. Een streepje geel erbij en we zijn er. Over het budget van 400.000 euro kan gediscuteerd worden. Over de tevredenheid ook. Dat de geestelijke vader deze laatste niet in twijfel trekt kan ruiken naar een flinke dosis vooringenomenheid. Maar dat hij de beperkte bevoegdheden van de stadsbesturen in het kader van de regionalisering bij De Lijn wél in twijfel trekt,  kan ik gerust inkomen. Indien de beslissingsmacht enkel bij de belbus ligt is het idee van de 15 vervoersregio’s a priori een verloren zaak.

Het valt wel op dat Watteeuw met zijn vraag naar opsplitsing van De lijn in kleinere, flexibele stadsmaatschappijen in gaat tegen de omgekeerde beweging van groene brulboei Calvo die in zijn boek Leve Politiek pleit voor één parlement in plaats van zes. Meer groene centralisatie dus. Dat hij in zijn naïviteit nog een paar parlementen vergeet is munitie voor zijn tegenstanders.  Maar over nationale politiek zwijgen we in Gent en meer zedig.

Dat bij de verbrokkeling van het Vlaamse openbaar vervoer in kleinere stads- en regionetten de vakbonden minder greep zullen hebben op de werking er van en het hele land moeilijker kunnen platleggen zullen ze bij de rode broeders van Team Gent niet graag horen. Zou Watteeuw met zijn pragmatische kijk op de lokale mobiliteit dan toch niet lekker liggen bij de collectivistisch geschoolde collega’s op zijn lijst? Velen zullen het heimelijk hopen. Over het circulatieplan kan immers achteraf nog gediscuteerd worden, op een pragmatische wijze.

Theocratie

Iran is een theocratie, dat mag toch zo gesteld worden. De leiders van het land beroepen zich op het woord en de wetten van Allah en bepalen hiermee hoe de burgers leven, werken en communiceren. Het woord theocratie komt van θεός,  en κρατία wat zoveel als God en macht betekent. De macht wordt dus ingegeven door god. In Iran staat Allah centraal.

Er was deze week heel wat te doen rond het afspringen van de Iran-deal, het geesteskind van Barack Hussein Obama. Het was een deal tussen de VS, Europa, Rusland, China en Iran waarbij de economische sancties wegens de productie van verrijkt uranium voor kernwapens,  werden teruggeschroefd op voorwaarde dat Iran de ontwikkeling van die wapens stopzette. Dat Trump niet in de deal gelooft kan wel met die theocratie te maken hebben. In tegenstelling tot het Irak-debacle waar een oorlog gestart werd over onvindbare weapons of mass destruction, ligt de politieke motivatie in Iran niet bij een socialistisch, niet-religieus Baath regime maar bij de wil van Allah.  Als Allah niet wil dat een messenzwaaiende verwarde man iemand neersteekt dan zal Hij het mes net voor de steek bot maken. Als Allah verkiest dat de ayatollahs doorgaan met de ontwikkeling en productie van kernwapen, dan is het zó, Inch Allah.

Jaren hebben ook de Belgen in een quasi-theocratie geleefd toen in 1950 de unitaire CVP de absolute meerderheid behaalde. In 1961 kwam met Théo Lefèvre zelfs een premier aan de macht die door zijn ouders Théodore, of geschenk van God  was genoemd. Gelukkig was die God al op zijn retour, maar de impact op het dagelijks leven was groot. Van abortus was geen sprake, vrouwen mochten voor 1976 niet eens zelf een bankrekening openen, mijn schoenmoeder zaliger moest het katholiek onderwijs verlaten toe ze huwde en de pastoor bezwoer ons om “voor de goeie” te stemmen en “veel kindjes te maken”. De babyboomers haalden de CVP-staat neer en vonden de verlichting opnieuw uit. Weg God, weg afgod. De mens staat centraal.

Tot wanneer generatie X en de millennials de nieuwe afgoden van onder het stof haalden. In Gent wordt de fiets de nieuwe Baäl. Wie niet heeft gefietst heeft niet geleefd. Wie het stalen ros niet vereert, wordt weggehoond. In Gent heerst de vélocratie. Dat velox in vélocipède snel betekent kan de aanschuivers op de R40 enkel nog meer enerveren.

Omdat het Gentse mobiliteitsbeleid door nogal wat Gentenaars met een scheef oog bekeken wordt (ze moesten zich schamen) hebben de progressieven een nieuwe afgod gevonden: het kind. Het kind staat centraal bij de beleidskeuzes. Niet de échte economie, niet de huisvesting, niet de veiligheid bepalen het beleid, maar de goestsjes van de kleine mannen in de laadbak van de bakfiets. Een ware pedocratie. Klinkt kinky maar het kan bewaarheid worden in de meest kindvriendelijke stad van Vlaanderen. Heeft Gent dààr nog geen prijs voor gekregen?

Let op: ook de blauwe garde heeft zijn nieuwe afgoden. De postjes. Na de val in Bangkok, de bestuursfunctie bij Fluxys. Met een sympathieke voorzitter als onze burgervader is de recuperatie van een verloren zoon van de coalitiepartner een stok achter de deur. Als het resultaat van Team Gent wat tegenvalt mag de blauwe garde opnieuw haar ziel verkopen, hoewel ik twijfel of deze rabiate papenvreters er wel een hebben. Bye-bye Mathias, welcome back Geert? Een Fluxycratie als het ware. Gewoon doen zeker?

En straks krijgen we nog enkele religieus beter geïnspireerde Belgen op de overvolle kiesbrief. Na al de strijd tegen de jaren ’50 theocratie maakt onze mei ‘68 tolerantie stapje voor stapje plaats voor een nieuwe theocratie. Genderscheiding op de bus? De vrouwen zullen het geweten hebben.

Enfin, voorlopig is het wel nog elk zijn eigen democratie… behalve voor de communisten misschien.

 

 

Hoera

De stad Gent gaat de Sint Jozefkerk kopen, want de stad heeft geld over. Met hopen, zo blijkt. 48,5 miljoen euro om precies te zijn.  Dat heeft “een overschot op de exploitatierekening”. Het geen in de schuif blijft zitten, quoi. En dat mag er per direct weer uit, het zijn verkiezingen.

De правда из Гента wijdt een uitgebreid artikel aan de goednieuwsshow van de Botermarkt, wat had je gedacht. De extra uitgebreide opsomming van alle goodies moet de kiezer selectieve amnesie bezorgen en  elke Gentenaar Pavlov-gewijs doen watertanden. 120.000 euro voor herbruikbare bekers tijdens de Gentse Feesten, twee miljoen euro voor het Van Eyck-jaar, een half miljoen euro voor het mobiliteitscoördinatiecentrum.  Of is dat ook weer een uitgave om de flop van Flip te vergoelijken, zoals de 250.000 euro voor het filmpje met den Eddy? Meer dan een half miljoen voor hier en daar een ontsluiting die eigenlijk al lang had kunnen gebeurd zijn. 2,2 miljoen om, in voorbereiding van de invoering van de lage emissiezone in 2020, de stadsvloot te vergroenen. Zouden ze de zelfstandigen, reeds stiefmoederlijk behandeld bij de invoering van het circulatieplan,  vergeten zijn? Ook zij moeten hun vloot vernieuwen, of krijgt elke ondernemer van het gulle stadsbestuur nu vijf nieuwe camionetten en twee nieuwe vrachtwagens met euro-6 diesels of biogas motoren? Ik denk het niet, daarvoor moeten ze zelf zorgen, de vuile kapitalisten.

Pas op, aan de kindjes is ook gedacht en maar goed ook. 780.000 euro voor kinderopvang en 115.000 euro voor het buurtschooltje van Sint-Kruis-Winkel, met dank aan kabouter Wesley. Dat brengt stemmen op voor ons Elke!  En ook aan de kerk wordt gedacht, zelfs na de ontwijding: 540.000 euro om voor de Sint Jozefkerk een gemeenschapsfunctie … te bedenken. En 1,6 miljoen voor Sint Amandsberg, bakermat van het progressivisme in Gent,  en de Wasserijsite. SO-Gent kan tevreden zijn, alleen is het niet zeker wie binnen SO-Gent.

Alles samen zo’n 8.525.000 euro snoepjes volgens de gazet. Vermoedelijk was hun rekenmachientje stuk want dit is merkelijk minder dan de 48,5 miljoen overschot. Het laatste puntje in hun opsomming verontrust me een beetje: “de Fietsambassade wordt versterkt”. Hopelijk niet met het saldo van 39.975.000 euro. Nadat er al een pak geld in de duistere crypten van het Lab van Troje verdwenen is, lijkt me dit een bijzonder beangstigende gedachte. Hopelijk is de oppositie wakker en zitten er nieuwe batterijtjes in hún rekenmachine.

Maar goed, de schepen van financiën door wiens aderen meer Keynesiaans dan Gents bloed stroomt, is tevreden en de Gentenaars moeten dat ook maar zijn. Wie braaf is krijgt lekkers, wie stout is de roe. Laat oktober maar komen.

Schulden afbouwen? Krankzinnig! Een schuld van 520 miljoen euro is niet relevant, aldus onze schepen van financiën. En de Gentse gronden, gebouwen, wegen et tutti quanti zijn zo’n 2 miljard euro waard. En die kan je verkopen, zoals de OCMW gronden in Zeeland. Zijn goede vriend sale-and-leaseback-Verhofstadt kent er alles van.

Enfin, veel hocuspocus voor de leek, het bestuur van Gent is duidelijk alleen voor slimme mensen die weten wat ze zeggen en vooral  weten wat ze niet moeten zeggen.  Resultaat: we moeten niet besparen, wij zijn rijk, geld is toch bijna gratis en vooral… Antwerpen bespaart, dé meest ideologisch-legitieme reden om het in Gent niet te doen. Elke Gentenaar torst 2.000 euro schuld. Is dat bovenop de 41.142 euro schuld per Belg?  Een vraag die niet zal gesteld worden op de Vlasmarkt wanneer de progressieve jeugd, herbruikbare bekers in de hand, zich lazarus staat te hijsen. De volle vaten bier komen toch (per) vlot.

 

Mieke 2

Het moet van 1992 geleden zijn, toen Pierre Chevalier de wereld verbaasde om van de SP de overstap naar de VLD te maken, dat de burger nog  zó geschokt was bij een overstap van een rode naar de blauwen. Mieke Bouve, in een vorig leven ooit De Schrandere genoemd, deed de naam van haar personage uit Merlina alle eer aan en verliet haar zitje in de gemeenteraad om aan te sluiten bij de enthousiaste Open-VLD’ers van Mathias De Clercq. Een schrandere zet volgens Mathias, want Mieke had zich nooit een echte socialist gevoeld. Ze kwam nochtans ooit uit de Volksunie, die toch enkele über-socialisten als Bert Anciaux en Annelies Storms heeft voortgebracht. Maar Mieke vond dat kraken en dat circulatieplan maar niets en zocht daarom de coalitiepartner op die nochtans mee het circulatieplan had goedgekeurd. Begrijpen wie kan. Rudy Coddens vond het helemaal niet zo’n schrandere zet. Gebrek aan basisprincipes, zei hij. Maar laat dat nu net het kenmerk van de Open VLD zijn. Mieke zit er gebeiteld. Hopelijk is ze nu zo schrander dat ze haar kopman kan weerhouden weerom zijn ziel te verkopen aan de rood-groenen na de verkiezingen.

De opmerkingen van Mieke Bouve op het circulatieplan moeten toch niet uit de lucht gegrepen zijn. De stad Gent pakt nog maar eens uit met een campagne om de mensen naar de stad te lokken. Ze dachten daar: één acteur weg, we pakken dan maar een andere, Daan Hugaert, die in Thuis Eddy van Notegem speelt. Ik moet toegeven dat ik het moest opzoeken maar volgens Wikipedia blijkt Eddy een gewelddadige, jaloerse seksverslaafde man te zijn. Dé geknipte man dus om de inwoners van de gemeenten tussen 10 en 30 kilometer van de Botermarkt verwijderd, pakweg Tielt, Wetteren en Zelzate, naar Gent te (ver)leiden. Een marginaal Gent laten aanprijzen, quoi.  Het zegt veel over wat de slimme universitaire beleidsmakes in ons stadsbestuur denken over de inwoners van Oost-Vlaanderen. Wereldvreemdheid troef maar Eddy spreekt Gents en heeft van ver een beetje weg van onze geliefde burgervader. De Termont van den Aldi, zo je wil. Maar of onze buren een Termont-lookalike nodig hebben om ze naar de binnenstad te krijgen is mij toch de vraag. Ik las dat de campagne 250.000 euro zal kosten, bovenop alle voorgaande grapjes om de scherpe kantjes van het circulatieplan weg te vijlen. Ik dacht toch uit de continue goednieuwsshow van de Bende van de Botermarkt te kunnen opmaken dat het circulatieplan net géén invloed heeft gehad op de omzet van de winkeluitbaters, dat er nu méér bezoekers zijn dan ooit, dat er nu méér starters zijn dan ooit en nog nooit zo weinig falingen. Gebruik die 250.000 euro dan toch voor iets anders. Voor nieuwe vuilnisbakken misschien? Ah ja, daar gaat al 3.000.000 euro naartoe. Of voor Gentfest, het jaarlijks feest van de socialisten op 1 mei. De fietsrekken in de Kammerstraat staan al klaar, het podium op de Vrijdagsmarkt ook. De stad kijkt niet op een euro om het feest te laten slagen. Dat niet iedereen socialist is, is slechts een detail. Socialisme zal gezellig zijn of het zal niet zijn, coûte que coûte. En we weten wat er gebeurd is met de uitvinder van die quote.

Met de eindmeet en de welverdiende rust in zicht zal onze burgervader niet veranderen. Zoals Bonte, zijn bonte collega van Vilvoorde recent zei: socialist is godverdomme een eretitel. Waarom nu stappen zetten tot verzoening? De kans dat Termont op het bordes van de Botermarkt verschijnt, in een innige en verzoenende knuffel met Siegfried Bracke is onbestaand. Toegegeven, beiden beschikken niet over kernwapens maar een historische geste zoals deze van Kim Yong Un en Moon Jae-In zie ik niet te gebeuren in onze historische stad. De prijzen van meest groene stad en de beste werkgever zullen Gent niet meer ontglippen, de prijs voor de vrede des te meer.

Het sprookje van prinses Cruyllebol en prins Filobel

Er was eens een heel oude en machtige burcht aan de samenvloeiing van twee grote rivieren. Al jaren heerste ridder de Roode de Mariakerque als een verlichte despoot over zijn burcht. Om de burchtbewoners te paaien gebruikte ridder de Roode de Mariakerque de hand- en spandiensten van zijn trouwe rechterhand Christophorus Den Blauwen. Met gewiekste truukjes en de hulp van geslepen gerechtsgeleerden overspoelden zij samen sinds jaren de burchtbewoners met brood en spelen. En iedereen in de burcht was dik tevreden.

Maar enkele jaren terug streken uit het verre Westen twee koningskinderen neer. Zij waren de dochter en de zoon van koningin Myriam, de groene koningin van het grote Geluk, die in het kille en vreemdelingenonvriendelijke Noorden de alleenheerschappij van de nietsontziende baljuw Bartholomeus probeerde te breken. Ondertussen bakten haar twee schattige spruiten, prinses Cruyllebol en prins Filobel zoete broodjes met ridder de Roode de Mariakerque. Ze slaagden er zelfs in om, met steun van de vele Westerlingen die zich in de burcht gevestigd hadden, aan de Ronde Tafel van Ridder de Roode de Mariakerque aan te schuiven. Zo konden de prinses en de prins hun hartje ophalen en ferm hun goesting doen in de oude machtige burcht.

Prins Filobel weerde meteen alle paarden- en ossenkarren uit de burcht omdat paarden en ossen stinkende scheten laten waardoor de burcht veel te snel opwarmde, en met hun hoeven veel te veel fijn stof lieten rond dwarrelen waardoor de arme kindjes te kort aan adem kregen. Daarom moesten alle paarden- en ossenkarren langs de buitenmuren de burcht rond rijden. De arme stakkers van onder meer de oostelijke akkers, de bergen van Amandus en Lede, het land van de Zwijnen en allen die buiten de muren leefden,  kregen alle stinkende winden en alle keutels van de trekdieren over zich heen. Om goed te zien dat alleen nog voetgangers door de burcht mochten trekken liet prins Filobel alle straten met stoepkrijt rood maken. Dat was slim gezien van de prins want rood was ook de favoriete kleur van ridder de Roode de Mariakerque. Dat de neringdoeners nu aan hun marchandise niet geraakten was voor prins Filobel geen probleem. Koningskinderen zijn nooit gewoon geweest te werken om den brode, laat staan dat ze wisten wat neringdoen écht betekende.

Prinses Cruyllebol mocht zich van ridder de Roode de Mariakerque bezig houden met alle schooltjes van de burcht. En dat waren er een pak, zowel van de paters en de nonnetjes als van de poorters. Om de vele kinderen van de burcht en omstreken een plaatsje te geven deed ze beroep op de geleerde magiërs van de Universele School, die in het hele land gekend stond om haar fantasierijke doch vaak onuitvoerbare toekomstbeelden. Uit die school kregen de prinses en de prins ook heel veel steun. De leerlingen van de magiërs waren verzot op stappen, haatten paarden- en ossenkarren  en organiseerden feesten net over de poorten van de burcht waar ze zich te buiten gingen aan wilde bacchanalen en zatternijen, dit tot grote woede van ridder de Roode de Mariakerque. Ook trokken ze op zaterdagen en zondagen en op alle warme lente- en zomerdagen naar de oude binnenhaven waar ze dagen- en nachtenlang feestten, fuifden en vuiligheid achterlieten, die jonkheer Ivanho en zijn gele kornuiten dan maar moesten komen opruimen.

De prinses en de prins lieten hun volgelingen begaan en hun goesting doen. Binnenkort zou ridder de Roode de Mariakerque op welverdiende en tevens broodnodige  rust gaan,  en heimelijk hoopten ze dan zelf aan de macht te kunnen komen. Hun mama zou zeer fier zijn, te meer dat ze dan de trouwe vriendin van de wrede baljuw Bartholomeus, Anna Lena, die uit de Melse bossen kwam, zouden verslaan. Daarom hadden  prinses Cruyllebol en prins Filobel alle steun nodig van de feestende leerlingen van de magiërs. Trouwe huisdienaren van de prins en de prinses gingen zélf de boorden van de binnenhaven opkuisen om hun fervente aanhangers, vaak door de eenvoudige burchtbewoners die al generaties lang de burcht bevolkten de Arrogenten genoemd,  geen strobreed in de weg te leggen.

Prinses Cruyllebol en prins Filobel konden de  trouwe ondersteuning van de jongeren goed gebruiken want er was een kaper op de kust, namelijk de ooit gedoodverfde dauphin van ridder de Roode de Mariakerque, de welbespraakte Mathias de Cleynzoon, telg uit een succesvolle plaatselijk blauwe familie. Nadat Mathias de Cleynzoon  uit de gratie was gevallen bij ridder de Roode de Mariakerque, had deze de strijd aangebonden om alleen kasteelheer te worden van de machtige burcht aan de samenvloeiing van de twee rivieren. Daar de neringdoeners, ambachtslieden en herbergiers het niet zo begrepen hadden op de lichtzinnige en vaak onbezonnen toekomstbeelden van de prinses en vooral van de prins, probeerde Mathias de Cleynzoon  hen voor zich te winnen door succesverhalen te vertellen over hoe goed en hoe sterk de burcht wel was. Dat de oude haven zich nu zelfs uitstrekte tot ver in het buitenland was zijn verwezenlijking en iedereen moest het horen. Het stoepkrijt zou dra verdwijnen en de neringdoeners en de herbergiers zouden binnenkort hun handelswaar en hun bier weer kunnen aanzeulen met paard en os. De ducaten zouden rollen.

Met Siegfried, de oude aanvoerder van het leeuwenlegioen, uit de brakke landen van Mol en omstreken, door zijn oude strijdmakkers ook nog Valère genoemd,  hield niemand nog rekening. Door schaamte verdreven, nadat hij de bitse woordenstrijd verloren had van ridder de Roode de Mariakerque over een onbestaande zak goudstukken, had hij het roer overgelaten aan de reeds vernoemde Anna Lena uit de Melse bossen. Welbespraakt als ze was nam ze het op tegen de BurchtBrigade van Rudolphus, de leider van de armenkamers en de godshuizen,  de twee prinsjes, Mathias de Cleynzoon en de godvruchtige Maria, ooit onbetwiste aanvoerster van de christelijke scholen en door de plaastervanger van Jezus in Vlaanderen, in haar oude dagen in de strijd om de Ronde Tafel geworpen. De inzet was groot, de kamp beloofde intens en heet te zijn, de uitkomst onduidelijk.

Nu is het wachten op de komst van een nieuwe, nog onbekende voorman en leider van de burchtbewoners, aangekondigd door de onzichtbare krachten van het geheime genootschap dat zich Burcht word Wakker noemde. Velen staan dagelijks op de uitkijk om te zien of de vreemde voorspelling bewaarheid wordt. De oude families die al jarenlang de burcht bewonen, de neringdoeners, ambachtslieden en herbergiers, de ouderen en zij die moeilijk te been zijn, de bewoners van de dorpen buiten de muren, de jonge lieden die niet door de magiërs betoverd werden, de mensen met een greintje gezond verstand, allen stellen zich de vraag of de profetie zal uitkomen.

Maar hiervoor is het nog wel even wachten. Het geduld wordt op de proef gesteld, maar bij elke nieuwe tijding zal uw trouwe dienaar de ganzenveer ter hand nemen en zijn taak als verslaggever met toewijding verder zetten.