Vaderdag 2039

Jullie hebben de laatste tijd nog weinig gehoord van mijn vader. Welnu, ik ook. Sinds hij vijf jaar geleden definitief vertrokken is naar Uruguay, sommigen zeggen gevlucht, heeft hij zijn laptop definitief dicht geklapt. Hij geniet nu van de stilte op een afgelegen ranch nabij Maldonado. Paardrijden als een echte gaucho zal er niet meer ingezeten hebben. Het nuttigen van Uruguayaanse wijn met zijn stevige Tannat druiven des te meer. Ik moet hem eens een brief sturen voor zijn vaderdag. En hem iets vertellen over zijn kleinkinderen.  Ik doe dat tegenwoordig per brief. Per email zou wel nog lukken, áls we stroom hebben, maar elk mail moet geviseerd worden door de PCC (de dienst “politiek correct communiceren”) en sinds kort ook door de FCRZ (het federale centrum voor religieuze zaken). Daarom communiceer ik nu meer en meer op papier en verzend ik mijn brieven met de pakjesdienst van Alibaba. De Chinezen zijn altijd al betrouwbaar en goedkoop gebleken.

Zelf ben ik niet zo goed in schrijven. Mijn vader was daar beter in. Bij zijn vertrek heeft hij mij de dragers gegeven waarop al zijn columns van Gent en meer stonden. Van de prille probeersels van 2017, zijn eerste gelijknamig boekje uit 2018  tot zijn laatste officiële stukjes in 2031. Nadien was hij verplicht clandestien te gaan omdat elke kritiek op het regime strafbaar was geworden. Tien stokslagen was een zware straf voor een oude man die aan de bloedverdunners zit. Die clandestiniteit begon op hem te wegen. Niet meer kunnen zeggen wat je denkt, geen commentaar mogen geven op alledaagse dingen, daar stop je zo maar niet mee. In zijn beginperiode kon je hoogstens worden uitgelachen op facebook, je kreeg hooguit een twitterban van enkele weken aan je been en af en toe kreeg je het aan de stok met een paar poco-journalisten. Maar het bleef vrij ça va. Je kon met Bert of Joël nadien nog altijd een pint gaan drinken. Sinds 2031 was het erger, veel erger. Op facebook kon je enkel nog met een bewijs van goed gedrag en zeden. Het akkoord tussen Unia en Zuckerberg zat daar zeker voor iets tussen. En Twitter, Snapchat en Instagram waren al een tijdje gereserveerd voor de politieke elite en hun volgelingen. Zelfs op het Dark Web geraak je maar als het je lukt de screening van de moraliteitspolitie van binnenlandse zaken te omzeilen. Het had dus weinig zin om op het internet nog commentaar te geven.

Vader was het beu, grondig beu. Als blanke ouderling was hij niet alleen zijn stemrecht ontnomen, de continue self-blaming en de hersenloze verheerlijking van het regime konden niet blijven duren. Die Gentse Spartakiade in de Termont Arena waar burgemeester en schepenen regelmatig werden verheerlijkt,  mocht dan wel onder de noemer folklore vallen, het deed hem teveel denken aan de Reichsparteitage in Nuremberg. Bovendien hadden ze ferm aan zijn pensioen gezeten omdat hij weigerde over te stappen op een 100% veganistisch dieet. Ook het periodiek alcoholverbod was niet aan een bourgondiër als vader besteed. Aan de dagelijkse beperking van het stroomverbruik had hij zich kunnen aanpassen. Zijn schoonzoon, een briljant ingenieur, had enkele dingetjes in elkaar geknutseld die het leven tijdens de frequente black-outs draaglijk maakten. Ok, het was niet allemaal even koosjer, maar zelfs in deze streng gereglementeerde en repressieve tijden zijn stedelijke toezichters op het energieverbruik nog altijd omkoopbaar. Nil novi sub sole. Een mals stukje biefstuk of een varkenskoteletje (voor zoverre je er nog kon aan geraken) doet bij een hardwerkende vader met hongerige kindjes de ideologische weerstand snel slinken. Stokslagen of niet.

Maar het werd vader allemaal teveel. Zijn kleindochter heeft het lastig gehad om  haar middelbare studies af te werken niettegenstaande ze schitterende resultaten behaalde,  omdat ze halsstarrig weigerde zich vestimentair aan te passen. Ze had de zelfde mooie blonde lokken als haar oma, maar van het regime mocht ze die niet laten zien, kwestie van geen aanstoot te geven aan de meerderheid van de leerlingen. Het regime had het al een tijd het niet meer begrepen op vrijgevochten meisjes die wilden verder studeren. Als ze dan nog koppig bleef weigeren zich te bedekken kon je het vergeten om door de mondelinge screeningproef voor universiteiten te geraken. En ze was zo graag apotheker geworden, net als haar mama. Ze is dan maar met enkele lotgenoten verhuisd naar Mexico. Na de moordende drugsoorlogen van de vroege jaren ’20 was Mexico een welstellend land geworden. De conservatieve regering zorgde daar opnieuw voor stabiliteit. Het was een veilig land waar je vrij en onbezorgd kon rondlopen en dat stond mijn nichtje wel aan. Ze studeert nu farmacologie aan de universiteit van Guadalajara. En met succes.

Mijn vader had al lang zijn zinnen op Zuid-Amerika gezet. Ik herinner me dat mijn opa langs vaders kant vaak sprak over zijn zeereizen naar Brazilië, Uruguay en Argentinië. Montevideo was zijn lievelingsstad. Hij heeft er nog de Admiral Graf Spee zien liggen, afgezonken door de eigen bemanning in 1939, precies honderd jaar geleden. Dáárom hadden nogal wat Uruguayanen Duitse namen. Waar is de tijd dat éne Kagelmacher voor KV Kortrijk speelde…. Soit, mijn vader was daar al gaan prospecteren, de eerste keer in 2021, en dan nog eens in 2027 en 2031. Hij had het gehad met Europa. Op een halve eeuw had hij ons continent zien afglijden op de glibberige helling van de politieke correctheid naar een totalitaire megastaat waar je jezelf niet meer mocht zijn, waar je zelfs je zelf moest verloochenen omdat je per sé de anderen compromisloos móest verdragen. De hypertolerante social justice warriors van de jaren ’10 waren volwassen geworden (nou ja) en hebben de macht gegrepen in de derde decade van de eenentwintigste  eeuw . De eerste premier met tattoo’s, piercings en oorstretchers was een Zweed, de eerste transgender-premier een Fransman en in 2032 kwam er in Nederland een cent pour cent  genderfluïde kabinet aan de macht. In elke staat van de Europese unie kwam er een afzonderlijk ministerie van godsdienstzaken die er op toezag dat er niet geraakt werd aan de absolute godsdienstvrijheid, inclusief de meest verontmenselijkende voorschriften en de meest aberrante religieuze straffen. Ieder kreeg het absolute recht op  zijn eigen leefregels en zijn eigen straf, grondwet of niet. Deze regel werd vastgelegd in een uitbreiding van het EVRM, het aller-allerlaatste wapenfeit trouwens van Angela Merkel als Europees president. Godsdienst werd een leidraad, democratie een bijzaak. De minderheden werden versmacht onder het zogezegd tolerante deken van de progressieve machthebbers. De oude Oostblokstaten hadden zich al even afgescheurd van de EU maar waren voor de oude West-Europeanen geen safe haven. Ze hadden vrij snel na de afsplitsing een nieuw ijzeren gordijn opgetrokken, dit maal om er bij hen niet in te komen.

Mijn vader is opgegroeid in een wereld waar de geweldplegers nog werden gestraft en niet gepamperd, waar religie een privézaak was, waar helpen een goede daad was en geen businessmodel en waar vrije meningsuiting een evidentie was. Het was begrijpelijk dat hij in onze wereld niet wou sterven.

Oh ja, hij weet het nog niet maar hij krijgt gezelschap. Onze oudste vertrekt ook. Hij gaat studeren in Buenos Aires. En dat is maar een klein uurtje vliegen naar Montevideo. Opa zal blij zijn. Ik mag dat niet vergeten vermelden in mijn brief.

 

 

VZW Uitgezakt

Zaterdag 30 juni 2029, 10 uur ‘s avonds. Op de radio hoor ik dat de democratie in gevaar is. Weeral. De winnende partijen zetten alles in het werk om de opkomst van de Vlaamse GV (Gezond Verstand) en de Waalse BS (Bon Sens) verder  in te dijken. Beide partijen hebben de laatste verkiezingen nipt verloren (vier zetels tekort voor een absolute meerderheid)  en alle partijen hebben hun idealen moeten verloochenen om met een monstercoalitie de baarlijke duivel uit een regering te houden.  Beetje zoals Houellebecq het veertien jaar geleden beschreven had in zijn succesroman Sousmission. Of zoals precies 40 jaar geleden, met het cordon sanitaire. Soit, volgens sommige doemdenkers is de democratie nu dood en begraven. Maar dát is in veel steden al een tijd het geval. De verontwaardiging is bij de bevolking, zeker deze van Gent, dan ook niet zó groot.

Een oude man als ik kan me daar niet druk meer over maken. Politiek interesseert me niet meer. Daar heeft de politiek zelf voor gezorgd. Het ouderlingenstemrecht is ons af genomen toen de stemgerechtigde leeftijd vervroegd werd naar 12 jaar. Voor zover ik me kan herinneren was het trouwens een Gentse schepen van onderwijs die daar ooit eens had op aangedrongen, maar ik kan fout zijn. Ik kruip ongeïnteresseerd onder de lakens en neem mij voor om morgen eens langs te lopen bij Wendy.

Mijn nichtje Wendy is opgenomen met een leak-out op het dagverblijf van de vzw Uitgezakt. Ze vertoeft op de tweede verdieping van de Krook waar de vzw een hele plateau was toegewezen door het directorium van de stad Gent. De bibliotheek werd amper nog bezocht omdat nog weinig Gentenaars Nederlands spreken, laat staan lezen. De vzw Uitgezakt werd opgericht om de vele honderden Gentenaars, voornamelijk vrouwen, op te vangen met een zogenaamde leak-out, vergelijkbaar met de burn-out maar veroorzaakt door de uitgezakte tattoos en piercings. Het aanzicht van hun aftakelend lichaam, de vervormde tekeningen in en tussen hun talloze rimpels, de uitgerekte piercinggaten en de bijhorende depressie werden enkele jaren geleden erkend als ziekte. De progressieve partijen hadden nog geprobeerd om het in de schoenen van de werkgevers te schuiven maar omdat nu al één derde van de werknemers met een burn-out of een bore-out op kosten van de werkgevers thuis zat (Groen had destijds de werkgevers opgezadeld met een gewaarborgd jaarloon, dat was toch hun doelpubliek niet)  was dit economisch niet meer haalbaar. Dus leefde Wendy gewoon van de ziekenkas. Ik herinner me nog dat ze als jonge vrouw op haar rug een prachtige veelkleurige vlinder had laten tatoeëren maar toen ze me die de laatste keer liet zien had die meer weg van een vale, verzopen en door een bakfiets overreden stadsduif. Wendy was zo fier op haar vlinder maar de foto van haar rug (ze kon haar hoofd niet naar de spiegel draaien wegens artrose in haar nek door haar gameverslaving) maakte haar depressief.

Wendy was een millennial pur sang. Een beetje genderfluïde,  politiek hypercorrect en een echte snowflake. Ze zette zich van jongs af aan af tegen het idee dat je moet werken om in je levensonderhoud te voorzien. Ze had dan ook heel haar leven aan credithopping gedaan, de millennialvariant van jobhopping. Elke formule die een overheid voorstelde om op staatskosten thuis te blijven of één of andere zorg op te nemen had ze uitgeprobeerd. Dat ze niet zou werken tot aan de pensioenleeftijd van 69 jaar en zes maanden, wist ze al toen ze haar tattoos liet zetten. Haar armen verkondigden haar visie met niet mis te verstane frasen zoals  “work-life balance”  of “fuck the babyboomers”. Dat laatste had ik, als één van de laatste babyboomers,  aanvankelijk fout én te letterlijk geïnterpreteerd. Wendy maakte me echter snel duidelijk dat mijn geest ziek was. En dat ik hulp nodig had.  Neen, zij zou zeker niet werken tot aan haar pensioen om dan rap dood te vallen wegens opgebrand, zoals veel babyboomers doen. Ik leef nog by the way, maar hoe? Maar ook deze uitingen van millennial-eigenzinnigheid begonnen al zwaar door te hangen over haar compleet verslapte triceps. De tekstueel figuratieve inktcreaties ter hoogte van de enkels en de kuiten waren onduidelijk geworden door de blauwzwarte varices en beenzweren veroorzaakt door overmatig weedroken. Ook haar diabetes type II door het verorberen van tonnen mierzoete  policor gebakjes bevorderden de leesbaarheid van haar maatschappelijke been-statements niet. De met suikerziekte gepaard gaande obliteratie van de arteriolen hadden haar gedwongen alle ijzerwerk uit aangezicht en geslachtsdelen te halen waardoor de virtuele ruimten veroorzaakt door haar afwezige oorstretchers ,  neusringen en glabellaire bridge piercings (haar clitpiercing heb ik gelukkig nooit moeten aanschouwen), nu meer leken op verminkte oorlogswonden van een gueule-cassée, opgelopen in een identiteitsoorlog waarvan de millennials dachten deze te hebben gewonnen. Gelukkig konden de wegsmeltende snowflakes door de weldaden van het Gentse directorium en de vzw Uitgezakt, van op de tweede verdieping van de Krook de torens van Gent aanschouwen, fiere restanten van een roemrijk verleden, wachtend op een betere toekomst.

Vive Marie

De Gentse Feesten 2018 zijn al lang voorbij. Niemand die zich nog de stank, het lawaai en de heisa rond de herbruikbare drinkbekers herinnert. Een verloren terras dat maar niet afgebroken wordt en enkele schroeven die gevaarlijk uit de grond steken op het Goudenleeuwplein zijn de laatste fysieke reminiscenties naar onze multiculturele en hyperdiverse drankorgie. De Patersholfeesten waar de échte Gentenaar eens een goedkope Duvel kan drinken, zonder zatte Hollanders in de buurt, en een gestreken mastel kan nuttigen,  hebben de laatste kraampjes dicht geklapt. Met Vive Marie sluit de zomer 2018 zijn deuren. De regen is terug en de hitte is voorbij. Nog wat losse events moeten zij die van geen ophouden weten nog even zoet houden. Met Dansen in het Park, enkele lokale kermissen in Ledeberg en Oostakker en het Vegan Summer Fest 2018, slepen we ons naar een boeiend najaar. Dat laatste eventje laat ik aan mij voorbijgaan want ik zou er kloek willen opstaan tegen dat de lokale politici van onder de talloze losliggende Gentse straatstenen komen gekropen om naar mijn stem te hengelen.

Weldra is het één september. Hopelijk heeft iedereen zijn plaatsje op school gevonden, zij het tweede of derde keuze. En hopelijk voor het stadsbestuur is al het vuilnis dat door de Ivago staking is blijven liggen opgekuist vooraleer zij zelf, al flyerend, het straatbeeld komen bezoedelen. Ik blijf het een raadsel vinden, die staking. Eerst krijgen de vuilnisophalers minder werk, waardoor het werk blijft liggen en dan blijkt het te verwachten meerwerk te véél werk te zijn. Toegegeven, het was warm, extreem warm. En er was weinig respect van de directie. Weet iemand wat we ons daar moeten bij voorstellen? Weinig respect door mensen in de raad van bestuur en het directiecomité die zich lid noemen van een progressieve partij? Ik dacht dat net zij het zijn die altijd de mond vol hebben van respect en solidariteit. Nee dus. Respect en solidariteit dwingen ze alleen af van derden, duidelijk niet van zichzelf. In progressieve middens wordt de vraag naar respect al vlug een opeisingsbevel, kwestie van de bevolking geen onbehaaglijk gevoel te geven bij de verkiezingen. Veertien oktober was maar tien weken ver meer.  Ik vond het al vreemd dat er geen “farys-tweet” van de burgemeester kwam die de directie en het personeel feliciteerde voor de inzet om het vuil van de straat te halen. Tja, hij is dan ook niet de voorzitter van Ivago. Het bewieroken van het eigen volk is altijd iets makkelijker dan van het ander volk, zeker als je op vakantie bent. De groene collega kon als cumulerende voorzitter van de raad van bestuur én van het directiecomité de kastanjes uit het vuur halen, op voorwaarde dat ze thuis was, quod non. Dan moest de plaatsvervangende burgemeester maar de stakingbreker spelen. Sommige kwatongen beweren zelfs dat de socialistische vakbond overstag gegaan is om de kansen voor Team Gent gaaf te houden in oktober. Solidariteit zei U?  Het viel me wel op dat het centrum eerst werd schoongemaakt. De Botermarkt moet blinken. Wat zouden de busladingen Spanjaarden wel zeggen? Want ook Spanjaarden weten dat mejillones stinken als ze lang in de zon liggen. Zeker als ze met room en look klaargemaakt werden.

 

Sperperiode

De solden zijn begonnen, de sperperiode voor de handelaars is voorbij. Niet dat we daar veel van gemerkt hebben. Mijn vrouw kon de koppelverkoop best smaken, één beha kopen, de tweede aan halve prijs. Bij mijn nieuwe docksides kreeg ik een paar pantoffels, wollige winterpantoffels, om mijn voeten warm te houden als de stroom nog eens uitvalt. In de politiek daarentegen is de sperperiode nog maar pas begonnen en de beloften stonden na één dag  al in de uitverkoop. Een hoofddoek plus een plaatsje in een stadsschool. En dat voor maar één stem.

Ik begrijp de wanhoop van Groen. Medelijden noem ik het niet, ik hou het eerder bij hoofdschuddend zuchten. De flashy dubbelparkeerders van Godshuishammeke, de fans van de ronkende drum & bass  bolides uit de Meulesteedsesteenweg en de Mister Proper chroomfreaks van de Sint Salvatorstraat hebben, terecht, hun geloof verloren in het zaligmakend circulatieplan van de Gentse mobiliteitspaus. De wijken zijn van elkaar afgesneden, families uiteengerukt en op bezoek gaan, snel even met de Mercedes,  langs de Ottogracht of de Bargiebrug is uitgesloten. Een lange martelgang langs de stadsring is hun deel. De gettoïsering is een feit. De knips zijn weliswaar nog geen Mexicaanse Trump Wall, geen 38e breedtegraad van Kim noch de prikkeldraad van Gaza, het zijn wel symbolen van het Groot Gelijk, de ideologisch emanatie van een imperialistisch groene wereldvisie, maar ook van de Nineteen Eighty Four van de eenentwintigste eeuw.

De heersende ecologisten erkenden het verlies van het geloof van hun multiculturele achterban in de eco-utopie van het mobiliteitsplan maar herkenden onmiddellijk de religieuze dominante tekenen van hun mono-cultureel would-be kiespubliek.  Een geste in die richting kan mogelijks de zucht naar de  zogenaamde radicale gelijkheid van Be.one een pad in de korf zetten. “Hoofddoeken welkom, stem Groen” Toegegeven, het klinkt forser dan “varkensvlees stinkt”.  Een arbre magique kan trouwens wonderen doen.

De beste burgemeester van de wereld en verzamelaar van weinigzeggende trofeeën moet het lastig hebben. Zijn ni-dieu-ni-maître linksigheid moet het afleggen tegen de dhimmitude linksigheid van zijn kartelpartner. Benieuwd wat de ruige rode dokwerker daar van denkt. Of de bandwerker bij Volvotrucks. Op café klinkt het luid en duidelijk “van dienen boer geen eieren”. Ik heb nog nooit met zoveel sympathie naar een ABVV’er staan luisteren. Misschien zullen de marxistische studenten van de meest progressieve Alma Mater te lande de godsdienstige kuiperijen van Groen wel  intellectualiseren en een plaats geven in de hun legitieme strijd tegen het kapitalisme. Hoe meer de gevestigde orde verstoord wordt door een cultuur van de feminine onderdrukking of door de disruptie van de Westerse klassieke waarden, hoe sneller de decadente democratie valt. Misschien moeten de exponenten van het hypergedemocratiseerd onderwijs eens aanschuiven aan de band van de vrachtwagenfabriek of aan de hete ovenmonden van Arcelor Mittal. Of een boterham eten in de refter van Taminco in plaats van in een fancy foodlounge met quinoa hapjes en glutenvrije broodjes met dressing van kikkererwten. Laat frikandon en samsonworst de ogen opengaan voor linzen en tofu ze sluiten.

De Queeste van de Cleynzoon

Er rommelde iets in de burcht aan de samenvloeiing van de twee grote rivieren. Mathias de Cleynzoon, ook de Welbespraakte genoemd, stak het niet langer onder stoelen of banken dat hij, en alleen hij, de nieuwe leider van de burcht zou worden. Met een verbeten enthousiasme dat niet meer was voorgekomen sinds de kruistochten, gooide hij zich in een bitste strijd om het leiderschap. Krachttermen als vrijheidsminnend, positief en fier  moesten de burchtbewoners aantonen dat het menens was. Ook het nieuwe begrip “Uyt-de-Dhose” denken, overgewaaid van de Angelsaksische eilanden, moest de burgers aanzetten om niet meer slaafs de oekazen van ridder de Roode de Mariakerque te volgen, noch zich met blindheid in de wilde avonturen van de twee koningskinderen uit het verre Westen te storten. Nadat hij de oude voorman van de stadsmilitie voor zich had kunnen winnen, een oude Baskische strijder die zich taalgewijs perfect had geïntegreerd in de burcht, was de Cleynzoon steeds meer overtuigd dat alleen hij het pleit zou winnen.

Maar achter zijn ambitie die volgens hem de diversiteit omarmde schuilde een donker geheim. Al veertien jaar ging de jongeling gebukt onder een waar familiedrama. Veertien lange jaren waren voorbijgegaan sinds de grootvader van de Cleynzoon er eigenhandig voor gezorgd had, op een Staten-Generaal van zijn clan, dat burgers, geboren in burchten, ver weg van de eigen burcht, zich kandidaat konden stellen om mede de eigen burcht te regeren. Deze beslissing met vergaande gevolgen werd een waar drama voor de jonge Mathias. Hierdoor had ridder de Roode de Mariakerque, ooit zijn progressieve mentor, de kans schoon gezien om twee frisse prinsjes uit het verre Westen aan de borst te drukken. Deze twee inwijkelingen, vreemdelingen zeg maar, hadden zich ontwikkeld tot vooruitstrevende bestuurders met frisse, maar voor veel burgers waanzinnige ideeën, iets wat de ridder wel kon smaken. Deze laatste kon het zich zelfs  permitteren de Cleynzoon opzij te schuiven als troonopvolger en de stad over te laten aan de utopieën en de luchtkastelen van de prinsjes. De dag dat ridder de Roode de Mariakerque proclameerde dat de luchtwegen de belangrijkste wegen waren voor de inwoners van de burcht, wist de Welbespraakte dat hij het ging moeten opnemen tegen de gebakken lucht van de heersende Burcht Brigade.

Daarom ging hij furieus op zoek naar concrete succesverhalen: de haven, de vele startende ondernemingen, de samenwerking met de naburige landen… deze werden zorgvuldig neergepend in het blauwe boek van zijn verwezenlijkingen. Hij kreeg zelfs de hulp van Willem Met den Gespleten Tandt, een oude krijger van vele oorlogen. Dat deze aan de wieg stond van mededingingsrecht voor vreemdelingen was geen bezwaar. Het doel heiligt, ook in de donkere dagen van de burcht, de middelen.

Engagement en deskundigheid waren het ultieme wapen tegen de frivole fabels  van de heersende klasse. Suiker en zeem verving Mathias de Welbespraakte door  peper en  zout. Het moest hem het aureool van kracht en onoverwinnelijkheid geven, maar het moest er hem er ook elke dag aan herinneren dat de wonden van het verleden zijn ultieme drijfveer zijn om de eindzege te behalen.  Dan pas zou zijn queeste ten einde komen.

Zombie

Wie geniet er niet van de harde techno-beats van Zombie Nation telkens wanneer de Buffalo’s in de Ghelamco Arena een doelpunt maken? Ik weet het, voor luttele FCB fanatici ter stede klinkt het meer als een treurmars maar voor de modale KAA Gent supporter zijn het celeste klanken. Ook voor het triomferende stadsbestuur in de skybox. Of op nog duurdere plaatsen, inclusief de sterrenkeuken van Horseele. Maar vooraleer de groene excellenties tijdens hun kiescampagne opspringen in voetbalextase bij een doelpunt van de Oekraïner Roman Yaremchuk moeten ik ze wel duidelijk maken  dat het nummer dat uit de boxen dreunt Kernkraft 400 heet. En Tsjernobyl ligt in Oekraïne. Misschien keren de West-Vlaamse schepenen, diep teleurgesteld in de Gentse ode aan de kernenergie, terug naar hun heimat waar ze in alle rust verder, maar dan openlijk, voor Club Brugge kunnen supporteren.

Had de bende van de Botermarkt ooit gedacht dat de teraardebestelling van het woord allochtoon in 2013 zou kunnen evolueren in een heuse Z-war? Ik las deze ochtend in de Het Laatste Nieuws dat een bekende restauranthouder, een Gentenaar met migratieachtergrond om het politiek correct te houden,  aansloot bij Be.One, de partij van de Belgisch-Libanese brulboei Dyab Abou Jahjah en doorn in het oog van menig progressieve stadscoalitie. “Je kan woorden begraven maar geen problemen” aldus Osman Gök. Die begraven allochtoon zou nog serieus kunnen spoken aan de Botermarkt. Ik loop nu en dan door de Sleepstraat. Over de utopisten van Groen hoef je daar niet te beginnen. Bakfietsen rijden best een blokje om. Om de luchtwegen geven de Turken ook niet zoveel. Dat moet Termont toch geweten hebben. In zijn geliefde Gentse taal is “ruuke gelijk nen Turk” een redelijk ingeburgerd begrip. Ook de talloze BMW- en Mercedesdiesels waren duidelijke hints. Maar nee, zijn mobiliteitspaus wist beter. Wat hij niet wist is dat hij met de uitvoering van zijn boude plannen een regelrechte Zombie War had ontketend.

“We zijn de mensen van de Sp.a beu” gaat de geïnterviewde verder, “ Ze beloven veel als de verkiezingen komen, daarna zien we ze niet meer”. Is dat nu net het basiskenmerk van alle politici? Beloven en verder niets doen? Als er dan al eens, in het verre Amerika of het meer nabije Oostenrijk en Italië, politici zijn die het wél doen, dan staat de hele politiek correcte goegemeente op zijn achterste poten.

Maar zullen de talrijke Gentse partijen, oudgedienden én nieuwlichters,  hún beloften waarmaken. Zal inspraak ook échte inspraak zijn? Zal men de woningnood verhelpen of eerder de bouwmagnaten helpen? Zal het fijn stof dalen of zullen de testresultaten normaliseren? Zal de kinderarmoede uit de wereld geholpen worden of zal er nieuwe geïmporteerd worden, kwestie van de electorale slagkracht voor 2024, dus de eigen bestaansrede niet te verliezen? Zullen we mogen out-of-the-box denken, of verdwijnen de keizers na 14 oktober terug in-the-box? Als Be.One radicale gelijkheid belooft dan komen de fietsers en de automobilisten in Gent op gelijke voet te staan, dan zullen alle restaurants hun witte kassa gebruiken en alle rekeningen van bouwmaterialen inclusief BTW zijn. Ik ben voor. Zombies on the rise!

Rechtvaardige Rechters

“Ventje, de Rechtvaardige Rechters!” roept mijn vrouw vanuit de keuken. Hebben ze die nù al gevonden? Dat zou vroeg zijn. Gisteren lag de Kalandeberg nog dicht. Mijn teleurstelling is groot als ik verneem dat ze het over het komisch radioprogramma heeft. Let wel, geen slecht woord over dit uiterst onderhoudend programma op radio 2. Ze mogen mij ook eens uitnodigen.

“The show must go on”… en liefst tot aan de verkiezingen,  moet de burgemeester van Gent gedacht hebben wanneer hij bij de voorstelling van het nieuwe boek van Marc de Bel, de Veertiende Brief, de inleiding gaf. Een beetje extra publiciteit voor de sperperiode kan geen kwaad. “Geen graafwerken!”, beval de burgemeester. Wedden dat het plein pas begin oktober wordt opengelegd? Voorkennis is geen misdaad bij verkiezingen. Stel je voor dat Termont de geschiedenis kan ingaan als dé burgemeester die het paneel van de Rechtvaardige Rechters terugvond. Eeuwige roem! Niemand die nog over Optima of de Rubeccan spreekt. Gheysens, wie is dat?  SOgent? Publipart? Faits divers! Termont, de redder van Van Eyck! In 2029 zien we hem gegarandeerd vijf keer per dag op National Geographic.  Misschien noemen ze later nog een grote sport- en evenemententempel naar hem. Stel je voor: de Termont Arena.

De coalitiepartners moeten groen van afgunst zien bij al die publiciteit. Nochtans hebben zij hier niets bij te winnen. De Rechtvaardige Rechters zitten duidelijk op paarden en niet op bakfietsen, en het zijn allemaal blanke mannen. Het enige bruin is het bruin van de paarden.  Het werk van de gebroeders van Eyck is geen reclame voor het mobiliteitsplan, noch voor het gelijkekansenbeleid. En kindjes staan er ook al niet op. Het kunstwerk mag gerust geklasseerd worden als kindonvriendelijk, ergo on-Gents.  De Rechters mogen verder wegschimmelen in de geheime gang onder de Kalandeberg als het van Groen afhangt. En het plein openbreken zou ook al geen teken van goodwill zijn voor de talloze Gentse fietsers, ook niet voor de hardnekkige, tussen 11 uur en 18 uur. Vooral die laatsten mogen ze niet verliezen op 14 oktober.

Blijkbaar zijn er al honderden theorieën rond de Stoutmoedige Diefte. Wie ligt er dan nog wakker van Termonts hoop op eeuwige roem. Vandaag gaat het over voetbal. Panama is de eerste struikelsteen op weg naar de eeuwige roem van de Rode Duivels en die hebben me dunkt meer supporters dan onze burgervader. Alleen al Kevin De Bruyne heeft  25 keer meer volgers op twitter. En die is toch van Drongen. Misschien wordt hij wel het witte konijn van de burgerpartijen. KDB for mayor! Hopelijk trapt hij ons eerst naar de WK-finale met zijn rechtvaardige rechter.

Trofeeënkast

Ze mogen er weer één bijschuiven, een beker in de trofeeënkast aan de Botermarkt. Gent is, na 2015,  voor de tweede maal op rij uitgeroepen tot Fietsstad van Vlaanderen. De wilde weldoener van dienst is de Vlaamse Stichting Verkeerskunde. De laureaat, Gent dus, werd gekozen uit 35 kandidaten die hun concrete realisaties en toekomstplannen op het vlak van fietsbeleid mochten toelichten. Het zal wel geen toeval zijn dat het enige beleid dat Gent nog lijkt te voeren een fietsbeleid is. Woonbeleid? Armoedebeleid? Allemaal de fiets op. Gent won trouwens ook, tot groot genoegen van onze mobiliteitspaus, de publieksprijs én de deelawards voor ‘fietsinfrastructuur’, ‘fietsparkeren’ en ‘veilige fietsnetwerken’.  Of de trofeeënwoede van de stad Gent de Gentse Burgers nog enigszins kan beroeren is een groot vraagteken. Een enthousiast twitterende burgemeester van een stad van 260.000 inwoners met 60.000 volgers op twitter, haalde met zijn tweet over deze elvendertigste stadstrofee 147 likes en 10 lauwe reacties.       De schepen van mobiliteit met 5.900 volgers haalde met zijn aankondingstweet 125 likes en eveneens 10, zij het iets positievere commentaren. Blijkbaar heeft hij beleefdere volgers dan de burgemeester. Dat moet voor hem perspectieven openen in oktober.

Zou er ook zoiets bestaan als een nominatiekast? Gent is genomineerd om de European Green Capital te worden in 2020.  Leuk, denk ik toch.  Gent wàs ook genomineerd voor de Cavaria Award 2018 maar greep naast de prijs. Die ging naar Ketnet met de dokter Bea show en naar Piet De Bruyn die de Cavaria Campaign Award kreeg voor zijn werk als algemeen rapporteur voor de rechten van LGBTI-personen in de Raad Van Europa. Dat de immer sympathieke  Eva Van der Gucht die gestalte geeft aan de vrolijke dokter Bea, de prijs wegkaapte mag voor onze burgemeester een magere troost zijn maar dat uitgerekend een Vlaams nationalist als Piet De Bruyn een award kreeg moet in de catacomben van de Botermarkt hard zijn aangekomen. De erfvijand die een prijs wint waar je als stad van vindt dat je met je “Hij/Zij Voorbij” campagne er zelf recht op hebt, dat doet zeer, écht zeer. En tegen Piet De Bruyn kan Termont moeilijk fulmineren dat hij beschaamd moet zijn.

Misschien kan het stadsbestuur met hun initiatief voor herbruikbare bekers op de Gentse Feesten volgend jaar de “Award voor Herbruikbare Bekers“ winnen. Als die nog niet bestaat organiseren ze hem zelf wel. Het Gentse progressieve bestuur kan zich alvast optrekken aan de steun van de Vlaamse milieuminister die een algemeen verbod op plastiek wegwerpbekers voorstelt. Steun van de tsjeven, dan kan nog er nog juist door. Misschien hebben ze straks Mieke Van Hecke broodnodig om net niet gewipt te worden uit het stadsbestuur. Een beetje overeenkomen kan dus helpen. De stad besliste om in zee te gaan met de firma  EcoCup uit Grâce-Berleur bij Luik om 500.000 herbruikbare drinkbekers in te zetten op de Gentse Feesten. Precies 151 kilometer verwijderd van het hart van de Feesten worden de cups dagelijks ecologisch gewassen, gedroogd en teruggestuurd over de weg, met een vrachtwagen op CNG. Compressed Natural Gas, dé vrijgeleide om elk ecologisch initiatief  groen licht te geven en subsidies toe te kennen. Maar toch een goede zet me dunkt. Als centrumbewoner kan ik het appreciëren om ’s morgens rond 8 uur niet door een vuistdik tapijt van stinkende plastiekbekertjes naar mijn werk te moeten stappen. Maar of de drinkbekers aan 1 euro waarborg dé oplossing zullen zijn,  valt af te wachten. Ik vrees dat Ikea voor geruime zijn voorraad Pokal-glazen aan 0,59 € uit het assortiment mag nemen, want voor studenten die in een tiental dagen voor  een paar honderd euro’s pinten en trendy cocktails achterover kappen is 6 euro voor een setje fancy drinkbekers waarlijk géén geld. Ook iets voor op kot, in hún trofeeënkast.

Babylon aan de Leie

Het wordt lente. Aan de temperatuur zou je het niet zeggen. Die verdomde vulkaanuitbarstingen gooien nog steeds roet in het eten en in de lucht. Het blijft kil. Het leven in de stad is hard voor bejaarde mensen. Er zijn niet alleen de terugkerende stroomonderbrekingen en het tekort aan gesubsidieerde houtpellets, zelfs aan eten geraken is geen makkie. Bij de stadsboerderijen verstaan de  verkopers mij amper nog, of ik hen niet. Dat laatste kan ook aan mijn hardhorigheid liggen. Als ik dan eens een thuismaaltijd bestel, wanneer mijn rollator met ingebouwd-hoogrendement-biogas-micromotortje-met-recuperatiefilter het laat afweten, is het ook behelpen aan de telefoon. Dat de Bikeroo’s al lang geen Nederlands meer praten, is gekend. Zolang ze mijn adres terugvinden ben ik al heel tevreden.

Maar vorige week, op maandag 28 mei 2029,  kreeg ik een vervelend bericht in de bus. De Koningstraat waar ik al 14 jaar woon verandert van naam. Deze keer was het geen  initiatief van een duister clubje SJW’ers die de wandaden van één of andere Belgische koning wil verketteren. En sinds de degradatie van koningin Elisabeth tot ceremonieel staatshoofd  in 2025 wordt er met het Belgisch koningshuis nog weinig rekening gehouden. So, who cares? De Koningstraat wordt gewoon: Sector 2, straat 18. Geïnspireerd op het oude Sint-Lucas ziekenhuis, dacht ik nog. Kwatongen beweren echter dat het komt omdat de meeste Gentenaars geen Nederlands meer kunnen lezen. Spreken deden ze al een tijdje niet meer.  Sinds de afschaffing van het Nederlands als verplichte spreektaal op school werd het moeilijk om nog een zinnig gesprek aan te gaan met een deel van de buren. Met de meeste politici was dat al meer dan een decennium niet meer mogelijk.  Maar na de afschaffing van het Nederlands als leestaal in 2021, was het hek helemaal van de dam. De bedrijven hadden het al moeilijk om nog Vlaamstalige werknemers te vinden, de laatste jaren is het een complete ramp. Mijn zoon vindt zelfs geen enkele magazijnier meer die onze landstaal voldoende machtig is. De anderstalige bedrijfjes groeien en bloeien nochtans en dit tot grote vreugde van het Directoraat van de stad. De oorspronkelijke Gentse ondernemers worden nu verplicht zich aan te passen en Turks, Bulgaars, Arabisch, Pools of één of andere Servo-Kroatische taal te leren. Moeilijk gaat ook. De meeste mensen passen zich dan ook aan. We moeten wel, dat heeft de democratie beslist. Ook aan de abrupte afkoeling van de aarde hebben we ons aangepast. Maar dat aanpassen aan al die vreemde talen wordt voor ons bejaarden steeds lastiger. In het dienstencentrum zijn er nu gelukkig twee volle dagen voorzien voor Nederlandstaligen. Na protest en lang aandringen van de burgerbewegingen is er uiteindelijk een halve dag bijgekomen.

Binnenkort wordt tijdens de Gentse Spartakiade in de Termont Arena de 150.000-ste anderstalige Gentenaar gevierd. Een jongeman uit Luxemburg die enkel het Lëtzebuergesch spreekt. Prompt zullen door het Opperste Onderwijsorgaan  klassen ter beschikking gesteld worden aan de volgmigranten voor taallessen Lëtzebuergesch, betaald door het Luxemburgs Junckerfonds, ter promotie van de taal, de politiek en de cultuur van ons buurland. Benieuwd of het initiatief van de Luxemburgers evenveel bijval zal hebben als dat van president Erdoğan destijds.

Korte Keten

Zelden heb ik écht zin in groenten. Mijn ouders waren dan ook pure carnivoren. Elke week minstens twee maal biefstuk, in de échte boter gebakken, twee maal worst, één- of tweemaal vis, we woonden in Oostende, en dan nog wat zelfgemaakte stoverij of lekkere vol au vent. Hamburgers, boomstammetjes en Ardeense schijven bestonden nog niet. Mayaworst evenmin.  En telkens met veel aardappelen. Groenten waren garnituur. En het smaakte, keer op keer, de occasionele spruiten of witloof ten spijt. ’s Avonds américain bij de boterham of een schel boerenhesp. Mét zwoerd. Mijn vader heeft honger gekend in de oorlog en ík moest dan het zwoerd opeten. Vet.

Elke vegetariër of godbetert veganist, en zo leven er wat in Gent,  moet nu staan gruwen en zonder enige vorm van mededogen mijn ouders beschuldigen dat ze de gezondheid van hun zoon blootgesteld hebben aan onaanvaardbare gezondheidsrisico’s zoals een marginaal verhoogde cholesterol en een aan de hoge kant uitgevallen BMI. Duvel ben ik pas beginnen drinken toen ik het huis uit was, maar dat zullen ze for the sake of argument niet vermelden. Misschien denken ze wel dat hun vroege dood een politiek correcte straf is voor hun ongezonde levensstijl die ze bovendien aan hun nakomeling met wrede genoegzaamheid hebben opgedrongen. Ik verwacht van vegetariërs of veganisten geen factcheck maar ik kan hen zwaar teleurstellen met de kennis dat mijn ouders, 87 en 88 jaar oud, nog in prima gezondheid zijn, alle dierlijke eiwitten en vetten ten spijt.

Maar áls ik dan toch eens zin heb in groenten ga ik om de hoek bij Bayram. De immer sympathieke Gentse Turk moet zowat de lekkerste groenten en het sappigste fruit uit de buurt hebben. Hiervoor moet ik geen 100 meter stappen dus dacht ik dat ik hiermee in de kaart speelde van Team Gent en een levend voorbeeld was voor de korte keten. Bij nader inzien merkte ik op dat zijn aardbeien uit Hoogstraten kwamen en dat ligt volgens Google Maps toch zo een kleine 100 kilometer hier vandaan. Enig opzoekwerk leerde mij dat de korte keten dan ook iets anders is. Op de website van Stadslandbouw Gent lees ik dat landbouw en politieke filosofie (of lees ik hier onwrikbare overtuiging?) heel kort bij elkaar staan. Op de website van Gent Klimaatstad lees ik dat het beter is om de productie en de consumptie dicht bij elkaar te houden én dat Gent weer eens genomineerd is voor een zoveelste award. Maar dit laatste doet niet ter zake. Op de website van de stad Gent zelf lees ik dat de stad begaan is met voedsel. Gent en Garde, dat een tactisch masterplan om het voedselsysteem in Gent te verduurzamen nastreeft, verwijst naar een door de stad Gent bestelde studie  die  de noodzaak van de korte keten aantoont. De politieke filosoof van de werkgroep stadslandbouw schrijft het rapport dat stadslandbouw aanbeveelt. Klinkt als: wij van WC-eend adviseren WC-eend. Misschien is het dat wat de Gentse politiek bedoelt met de korte keten.

Buiten de stadslandbouw vind je dit ook terug in andere domeinen, denk maar aan Stadsontwikkeling.  Projecten toekennen kan evengoed in een korte keten. Vandaag ontwikkel ik, morgen ben ik jurylid. Het volgende project andersom. Scratch my back, I’ll scratch yours. De korten keten dus. Op zaterdag ben ik, zoals steeds, wat gemakzuchtig maar gelukkig is er Bert Staes, de fiabele scribent van het stadsbestuur, die een en ander duidelijk maakt over de stappen die enkele partijen in de soap rond Sogent ondernemen. Nu de stad naar het parket stapt denk ik dat ook hier de korte keten gevonden is. Misschien was een coöperatieve parketmagistraat met een groot voetbalhart aanwezig was op een ongedocumenteerd avondje skyboxen, of liep er toevallig een bereidwillige procureur in de vochtige kamer rond? In Italië heeft de nieuwe regering alvast een ban op de verenigbaarheid van ministerschap en lidmaatschap van de loge afgekondigd. Een los ideetje voor de volgende gezagsdragers in Gent? Het zou wel heel wat afbreuk doen aan het principe van de korte keten.

En wedden dat de korte keten net één van de verkiezingsthema’s van Team Gent wordt?