Panem et Circenses

Er wordt gedobbeld aan de Botermarkt. Voor Gent en Groen zitten samen om er uit te komen wie de meest progressieve partij is. Wordt het de keuze van het gRote haRt of deze van de woke waanzin? Zal het nieuwe stadsbestuur zijn blijde intrede maken vanuit Horebeke langs de Chaussée d’Amour, onder de triomfboog van Termont tot aan de stadshal? Of wordt het alsnog een vlaggenparade met tromgeroffel op 11 juli?

“Ganda panis et circenses est” : Gent is brood en spelen, zuurdesembrood en Gentse feesten, quinoa en Nikkolah. De kostprijs is onbelangrijk. Wie speelt denkt niet en rekent nog veel minder. Gent is liefde en liefde is onbetaalbaar, althans volgens de demonstranten op het Vredesplein aka Poeljemarkt. Als je geen besef hebt van geld, heb je ook geen probleem.  Wie het verschil niet kent tussen investeringen en kosten wacht een mooie toekomst in Gent. Alle financieel ongeletterden kunnen in Gent komen feesten als de beesten.

Wie echter bezorgd is om centen en schulden zijn zure mensen, geboetseerd uit azijn en chagrijn, én met de foute DNA-moleculen in hun genen. Wie zich wil verplaatsen met de wagen veracht de veiligheid van de fietsers en de luchtwegen van de Gentenaars. Wie écht ondernemerschap voorop stelt, verloochent de weldoende economie van VZW’s zonder neergelegde jaarrekeningen en ongecontroleerde inkomsten. Kortom, bezorgde burgers horen niet in het ecoparadijs van Gent.

Het conclaaf is bezig maar we zien geen rook. Vera is vertrokken, Petra blijft. Een beetje federale nuchterheid kan geen kwaad hoewel ze ook daar geen stichtend voorbeeld van efficiënte financiën zijn. Het valt af te wachten hoe blauw paars kleurt. Gaan we toch naar 2 miljard schulden en beestige feesten? Of staan we binnenkort gewoon met de voeten op de grond?

Mossel of wortel

Wordt het een smaakloze mossel of een harde wortel? Of wordt het toch sauerkraut,  of borsjtsj, of gewoon halal?

De nieuwe menukaart van de Gentenaar wordt op 13 oktober bepaald maar de prijs staat nu al vast: onbetaalbaar. Als de koks van de voorbije legislatuur zes jaar ruziënd over de Botermarkt hebben gerold,  zal de dagelijkse kost van dezélfde culinaire kemphanen niet te vreten zijn. Ik denk niet dat Mathias De Clercq Filip Watteeuw nog in zijn keuken wil, maar de lokroep van een mogelijke Michelin ster zou hem wel eens kunnen overtuigen de groene sous-chef verantwoordelijk te stellen voor de slaatjes en de route die de kelners bij de klanten moet brengen. De kans dat de consument koud eten zal krijgen wegens de talloze knips en de onverteerbare circulatieplannen in het Gentse restaurant, zal hij er wel bij nemen.

Moeten we dan een nieuwe chef in de keuken krijgen? Eén die sauerkraut en bratwurst serveert, of één die ons borsjtsj en rode biet leert eten? Samen zie ik ze niet de keuken te delen, na Ribbentrop en Molotov smaakt deze mix altijd verbrand. Misschien kiezen voor Maghrebijnse kost, met méchoui en couscous? Of toch maar gaan voor Vlaamse stoverij met frieten?

Ik denk dat ik ga kiezen voor Oostendse garnaalkroketten. In de koningin der  badsteden is de menukaart even prijzig, maar de lucht is er beter.

Electorale bronsttijd

In het eco-paradijs dat Gent is, doet er zich een bijzonder fenomeen voor. De burgemeester die de voorbije jaren een solitair en teruggetrokken bestaan leidde heeft zich gemetamorfoseerd tot een omnipresent campagnebeest. In de electorale bronsttijd, zoals de weken voor de verkiezingen vaak genoemd worden, is hij niet weg te slaan van vensterruiten, nietszeggende interviews en stadsloopjes.

De bronsttijd dient om de eigen genen te verspreidden en aldus het bestaan van de soort te garanderen. Dat wordt een hele klus voor liberalen. In Oostende en Kortrijk is het uitsterven van het blauwe genus al een quasi zekerheid. In Gent kan Mathias De Clercq zich nog altijd vastklampen aan oude vriendschappen met socialisten zoals Freya Van den Bossche maar evenzeer aan oude vijandschappen met groenen zoals Filip Watteeuw. Blauw bloed is nooit kleurvast geweest. De hang naar de sjerp zal de werking van zijn politieke feromonen bepalen.

Maar laat onze burgemeester toch maar uitkijken voor “the new kid in town”. Een nieuw en ambitieus politiek raspaard steigert aan de poorten van de stad. Fouad Ahidar, poulain van uberoverloper Bert Anciaux, brengt leven in de hitsige Gentse brouwerij van de Botermarkt. De franc-parler van Ahidar spreekt nogal wat geloofsgenoten aan die langzaamaan de gender- en vegan-praatjes van de progressieve Gentse partijen beu zijn. Een hoofddoek voor een co-lijsttrekker weegt niet op tegen een straffe uitspraak over de nefaste gevolgen van de LEZ zone voor de portemonnee van de minderbegoeden of over onverdoofd slachten. Het origineel is nog altijd beter dan de kopij. Een niet onbekende uitspraak in het Vlaamse politieke landschap trouwens.

Als zelfs de Partij van de Arbeid populaire militanten begint te verliezen aan Team Gent van Fouad Ahidar, moeten Groen en de Pvda toch beginnen huiveren voor het nieuwe Gentse alfa mannetje. Misschien gaat Mathias met dichtgeknepen billen toch in zee moeten gaan met een stel Vlaamsgezinde Gentenaars die volgens hem niet het juiste Gentse DNA hebben.

Nu ja, als de blauwen niet kleurvast zijn, zal een beetje genetische manipulatie ook wel geen probleem zijn.  

Neusring

Je kan er niet omheen al zou je dat liever willen. De neusring, centraal in het gezichtsveld, is pure horror voor de aanschouwer, maar vol symboliek voor de bezitter. Gepiercete mensen vinden blijkbaar genot in het ontsieren van hun aangezicht, omdat het voor hen staat voor vruchtbaarheid, kracht, succes of een andere esoterische invulling.

Oorringen, ja. Mijn nichtje kreeg al gouden oorringetjes toen ze twee jaar oud was. Dat is, toegegeven, al lang geleden. Iets met een katholieke traditie? Of ook weer associatie met kracht, energie, passie en verlangen… bij tweejarigen? Oorringen gaan nooit verdwijnen, ook niet bij mannen, maar een hele lading shrapnel door tragus, antitragus of helix? Het lijkt wel of ze slachtoffer waren van een terreuraanslag met spijkerbommen. Misschien zijn fans van dergelijke zelfmutilatie gefascineerd door cultural appropriation, iets wat ze nochtans zelf verfoeien. Dat laatste was enkele jaren terug een thema, maar in de progressieve wereld zijn dergelijke thema’s vaak even fluïde te zijn als genders. Over tepel piercings en prins alberts heb ik geen mening daar ze, meestal toch, aan het zicht onttrokken zijn en aldus minder nausea veroorzaken bij de toevallige passant.

Terug naar de neusring. Je zag het vroeger bij stieren. In het neustussenschot of septum zitten veel zenuwuiteinden waardoor manipulatie van de neusring de agressiviteit van de stier corrigeert. Doch ik vermoed dat heel wat septumpiercing-bezitters niet veel zenuwuiteinden meer hebben in hun neus.  Bij varkens was de ring bedoeld om de groentetuin van de boeren niet om te woelen. Misschien is het een dingetje dat bij vegans is blijven hangen.

Voor veel mensen is de neusring iets … speciaal.  Het is symbolisch, esthetisch, en vaak een emanatie van hun zelfverklaarde sterke persoonlijkheid, zeker als het gecombineerd wordt met fel gekleurd paars, fuchsia of metaalblauw haar. Het toont iets van “ik heb geen problemen”

Misschien wél in de winter als het snot aan hun neusring vast vriest.

Vegan Attack

Het lijkt de titel van een slechte B-film, maar het is me toch maar overkomen. Ik ben nog steeds herstellende van de bio-vitriool die me toe gesmeten werd. Niemand is nog veilig in Gent als je te kennen geeft liever voor de klassieke Bratwurst of voor varkensribbetjes te gaan, eerder dan voor quinoa en ander lekkers of minder lekkers dat de lokale en overzeese flora op ons bord gooien.

Ik verklaar me nader. Op 19 juli meldden diverse media dat het Botramkot op de Vlasmarkt enkel nog veganische (sic) uuflakke verkoopt. Op zich niets mis mee. Iedereen heeft het recht om zijn of haar zelf verkozen brol te eten. Maar een  eerder sarcastische opmerking van mijnentwege -ik geef toe- dat het zalig was om er niet te zijn tijdens de Gentse Feesten, en bijgevolg gevrijwaard te blijven van  al die veggietoestanden, bracht een tsunami van zure oprispingen teweeg. Hoofdzakelijk van dames (alhoewel je dat vandaag ook al niet meer met zekerheid kan zeggen) die hun viscerale walging voor een carnivore boomer met volle overgave over me uitstortten.

Eén dame was blij dat ik er niet was, op de Gentse Feesten, omdat ik het niet zou overleven. Dat ik Gentse Feesten al overleefd heb voor zij geboren was, doet voor haar allicht niets ter zake. Toen was alles nog normaal en kon je je maag overbelasten met vettige worsten en slap bier uit echte glazen. Mijn mededeling dat  ik wél al veggie en godbetert vegan geproefd heb, mocht niet zijn.  Het ongeloof dat een witte man toch geproefd zou hebben van het manna van hun eigen Utopia  zit héél diep.

Mijn zinsnede “woke noch veggie” deed nog meer verkrampen. Het was polariserend en ze raadden me aan twee keer na te denken. Dus ik denk twee keer na: als ik polariseer door te zeggen dat ik niet mee doe, is het toch even polariserend door die beslissing te verketteren? In veganland zijn er twee  polen, je eet het en je behoort tot de uitverkorenen, of je eet het niet en je bent verwerpelijke ongelovige. Ik denk meer en meer dat ik met een sekte te doen heb. Waarschijnlijk heb ik het on-Gentse DNA en hebben zij het échte Gentse DNA, zoals de burgemeester het  in zijn weekendartikel in De Morgen van 6 juli voorstelde.

Mijn keuze om niet mee te doen aan het Gentse veggie-verhaal verbant mij gewis naar een te verachten minderheid. Maar laat Gent nu dé stad par excellence zijn waar verdraagzaamheid voor minderheden de opgelegde regel is. Maar nee, verdraagzaamheid is duidelijk unidirectioneel. De groene club der zelfverklaarde verdraagzamen waant zich een eco-aartsengel Gabriël die mij met een vlammend zwaard van broccoli uit het fijne, gastvrije, veganvriendelijke, genderneutrale paradijs met het onwaarschijnlijk mooie liberaal verhaal (sic) van Mathias De Clercq wil verdrijven. Waarvan akte.

Oh ja… ik ga straks dineren in de Verde Mar, een gerenommeerd vegetarisch restaurant. Gelukkig heb ze sidedishes met tonijn of kip.

Gent is Gent niet meer

Op 6 juli verscheen in De Morgen een artikel over Mathias De Clercq. Ik had nog nooit De Morgen gekocht. Ik hou graag  mijn bloeddruk laag en het weekend rustig. Maar een post op X deed me die zaterdagmorgen anders beslissen. Gesterkt met een extra bloeddrukverlager liep ik de krantenwinkel binnen en kocht me – een beetje onwennig alsof het een Playboy was – De Morgen. Op pagina 16 en 17 werd de zelfverklaarde posterboy van Voor Gent een podium gegeven om zijn ongegeneerd enthousiaste zelf te etaleren.

Dat onze burgemeester op zijn gevoel afgaat vermoedden we al, nu stond letterlijk in de gazet. Mensen van alle politieke tinten waarderen dat hij zich puur smijt voor Gent en 24/7 burgemeester is. Dat voelt hij (sic). Zelfs een overwinning van Groen bij de federale verkiezingen voelt hij aan als zijn eigen succes, want de strijd tegen het Vlaams Belang is een liberale strijd: kunnen zijn wie je bent, behalve rechts.   

Compromissen maken is zijn handelsmerk, halsstarrigheid is dat van Groen. Veelbetekenende woorden. Veel liberale Gentenaars vertalen zijn compromissen helaas in platte toegiften, herinner u de knips en de hoofddoeken. Niet iedereen is begiftigd met een stevige ruggengraat. Dat “Voor Gent” exclusief “zijn” lijst is,  zegt hij het met zoveel woorden. Benieuwd of stamboeksocialisten uit Ledeberg en Wondelgem daar ook zo over denken. Freya is hun geheim wapen, zeker nu ze de truc met de voorkeurstemmen geleerd hebben van de groenen in oktober 2018.  

Dat Gent ver–vér (sic) boven Antwerpen staat, vind je in de Vlaamse Stadsmonitor, een soort bijbel van de Vlaamse overheid. Vreemd wel dat een burgemeester die alles wat enigszins naar Vlaams ruikt verkettert, net naar déze Vlaamse tool verwijst.  Werkzaamheidsgraad staat op 72%, een stuk boven Antwerpen, dat klopt. Alleen volg ik zijn redenering niet dat er in Gent 122 jobs zijn per 100 inwoners. Je moet echt het artikel eens opzoeken om het te geloven. Misschien klussen ze bij in de vele koffiebars, tweedehandswinkeltjes of queer cafés.  Of is het tóch door de vele  “brains” die volgens hem letterlijk “om de hoek” te vinden zijn? De universiteit en de hogescholen zijn al jaren hofleveranciers van de goednieuwsshow van de Botermarkt. Alleen zijn de alumni niet gebonden aan de grond waar ze afstudeerden. Kenniswetenschap is volatiel. Een beetje succes en een investeerder kaapt de bollebozen weg naar een ondernemersvriendelijker omgeving.

Over “brains” gesproken, die heeft de burgemeester nu ook als het over genetica gaat. Hij vaardigde in het artikel zonder meer een oekaze uit die zijn inwoners met het goede  DNA en die met het slechte DNA uit elkaar haalt. Wie het goede, het échte Gentse DNA heeft kan de hemel verwachten met alle lekkers dat in de stadsmonitor te lezen valt. Wie over het slechte, het zogenaamde on-Gentse DNA beschikt, wacht kommer en kwel. Geen compromissen voor deze laatsten. Als je de verbetenheid leest waarmee hij de “ongeschikten”, en dan verwijst hij letterlijk naar de NVA, afschrijft, begin ik te vrezen voor datgene waar liberalen altijd tegen strijden, de opsplitsing tussen Über- en Unter-Gentenaars. Deze laatsten zullen na 13 oktober hun conclusies moeten trekken:  het “onwaarschijnlijk mooi liberaal verhaal” (sic) zal niet het hunne zijn.

Voor mij was het een duidelijk interview. Gent is Gent niet meer, het is een waanidee van een zielepoot die zijn stad verkocht heeft aan al wie hem op het schild wil hijsen. Omdat bompa het graag zou gehad hebben.   

De gewone man

“Hela, hela, hela!”

Het was de warme groet van een Gentse fietser, die zich nog door een klein gaatje op het voetpad van de Ajuinlei probeerde te wurmen en deze boomer op zijn weg vond. Mijn halfingeslikte opmerking keerde terug als een boze boomerang dat ik uit mijn doppen moest kijken.  De fietser, zeker de iets oudere fietser zoals ik hem al beschreef in 2019,  is hier de keizer van de openbare weg. Dat was bij deze duidelijk. De toon was gezet.

Enkele tientallen meters verder wees een fietsende krullenbol met bloemen aan het stuur van haar longtail fiets, duidelijk fel geïrriteerd, dat ik op háár fietsstraat wandelde. Je kent ze, die roodgeverfde stroken waar fietsen en  steps heersen en de automobilist nederig het hoofd moet buigen. Die privileges, die met goede bedoeling werden toegekend aan de fietsende Gentenaars, zijn in de jaren van ver doorgeschoten vélofiel bestuur gemuteerd tot een zekere arrogantie in een sfeer van “ne me touche pas, want ik ken de schepen van mobiliteit”.

Dat laatste vind ik geen argument want wie kent hem niet? Wanneer hij bij elke gemeenteraad de kop van jut is en in het verslag van de Gentenaar als de meest geviseerde schepen van de stad gebrandmerkt wordt, dan moet je al erg je best doen om hem niet te kennen.  Lokale circulatieplannen, knips, paaltjes, boetelawines… het hele verknipte arsenaal om de ecofiele tweeverdieners, donkergroene universitairen, sociaal geëngageerde veganisten  en hippe IT’ers te behagen, en de gewone man op stang te jagen, komen uit zijn brein en dat van zijn fel gekoesterd leger van diverse medewerkers dat zich telkens weer mag verkneukelen aan de vele fietstrofeeën die de stad Gent binnenrijft.

Uiteraard behoort die gewone man tot de luide en grofgebekte minderheid in de ogen van zij die zich het alleenrecht op “het Groot Gelijk” toe-eigenen.  Op 9 juni heeft het Petra-De-Sutter-effect hun gevoel van superioriteit nog versterkt. Maar laat de veroordeling tot die “minderheid” nu juist voor de gewone man een opportuniteit wezen. In het inclusieve Gent van schepenen El-Bazioui en Heyse worden minderheden gekoesterd, gesoigneerd en gepamperd. Misschien kan de gewone man subsidie krijgen om zijn luidheid en grofgebektheid te ontwikkelen tot een meer eloquent wapen in de strijd tegen de allesbepalende dictatoriale meerderheid. Maar ik vrees dat de Groot-Gelijkers van de Botermarkt Macron-gewijs, alles in het werk zullen  stellen om de die luide en grofgebekte minderheid te marginaliseren, erger nog, te ridiculiseren.

Benieuwd of de voluntaristen van Voor Gent oor zullen hebben naar de verzuchtingen van de gewone man en of die gewone man na 13 oktober nog uit zijn voordeur zal kunnen  stappen zonder overhoop gereden te worden door een voetpadpiraat op twee wielen.

Ornithologie 2.0

Daags na de verkiezingen ging ik wandelen in de Bourgoyen. Even bekomen van de uitslag. Niet zozeer van de ruk naar rechts maar van de uitslag in ons geliefde Gent. Groen en Rood bleken hardnekkig stand te houden te midden van het geel-zwarte geweld in de rest van Vlaanderen. Gent is me plots een stuk minder geliefd, maar dat ligt volledig aan mij, witte, cisgender en  SUV-rijdende boomer. Op die mijmerwandeling kwam ik toch wel mijn ornithologe tegen! Je weet wel, Sophie,  kenner van de Gentse vliegende fauna, met wie ik enkele jaren geleden  een ontmoeting had, zoals ik die beschreven heb in Ornithologie, één van mijn columns uit 2019. Haar observatie van de Blauwe Wauwel, de Groene Knipeend en de Rosse Krulpatreel (die haar biotoop ondertussen verlaten heeft) heeft menig lezer geplezierd. Maar nu kwam Sophie voor de pinnen met een nieuwe observatie. De resultaten zijn prematuur maar niet minder zorgwekkend.

Het schijnt, volgens Sophie, dat in de mega-volière die Gent is, de komst van de Horebeekse Kapoen aangekondigd is. Voorbarig, maar niettemin belangrijk voor familie van de Anatidae. De voorgenoemde kapoen zou wel eens een grote invloed kunnen hebben op  de veelkleurige en geringde Gentse kwartels die zich identificeren als renkoekoek of  kakapo. Ook de non-binaire piepkuikens (16 tot 18 jaar) die zich bewust zijn dat ze noch mossel noch vis zijn, zouden ook wel eens de zijde van Zuid-Oost-Vlaamse  exoot kunnen kiezen. Blijven dan enkel de fietsende papegaaien over, die nog steeds in overtal aanwezig zijn in de straten van Gent. Zij kunnen het lot van de Groene Knipeend alsnog in gunstige zin bepalen, tenzij ook zij ondertussen de transitie gemaakt hebben naar progressieve wokevogels.

Hoe dan ook, de Blauwe Wauwel zal scherp moeten zijn in oktober. Maar laat zijn scherp-zijn nu niet bepaald zijn sterkte zijn. De drang naar het leiderschap van de volière is groot, de drang van zijn kwetterende (ex-) aanhangers  is dat veel minder. Zijn nieuwe vleugeladjudant, de Fiere Boschfluiter, zou de Wauwel wel eens kunnen overvleugelen en hem koekoeksgewijs uit zijn magenta nest duwen. Misschien kan hij dan vluchten naar de Bourgoyen, een broedplaats voor meerdere rare vogels. Of naar Brakel, om samen met  de Opperwauwel te treuren over hun beider droeve lot.

Lokfiets

Mijn vrienden fietsers, er zijn er niet zoveel, hebben weer hoop. Het gelobby van burgemeester De Clercq heeft geholpen, de minister van Justitie heeft de lokfiets uit de BOM-wetgeving gehaald. Wie hierbij aan Bewust Ongehuwde Moeders  denkt, zit fout. Het zijn de Bijzondere Opsporingsmethoden. Misschien zijn Bewust Ongehuwde Moeders wel fervente fietsers of beter, bakfietsers, maar het een heeft met het ander niets te zien.

De lokfiets, een liberale overwinning! Het moest wel. In 2023 werden er in Gent 2.942 aangiften van fietsdiefstal gedaan. Er werden ook veel diefstallen niet aangegeven, misschien omdat die fietsen zelf gestolen waren. In Gent, het Walhalla van het progressivisme, hadden Groen en Vooruit liever gezien dat het woord “diefstal” begraven werd, zoals eerder al gebeurde met het woord “allochtoon”. Nu de socialisten zich vastgeklikt hebben aan Voor Gent, door heel wat Gentenaars tot “Voor Mathias” omgedoopt, zullen ze deze droom moeten overlaten aan de groene collega’s.  

De woke versie van stelen is “ontlenen”. Laat ons daarom spreken over de ontleencultuur van hen die zich dringend moeten verplaatsen over korte afstand. Dat er ook fietsen gejat worden door drugsverslaafden is niet relevant. Dat zijn geen daders, het zijn slachtoffers. Daarnaast heb je ook de dievenbendes die met camionnetjes fietsen opladen, maar die zijn niet te klissen. Een fiets terughalen uit Florești, daar is geen enkele flik tegen opgewassen. En eens de boeven op pad gaan, moeten de politiediensten vanaf 1 februari aanstormen met loeiende sirenes, kwestie van de misdadigers tijdig te verwittigen. Dit komt uit de koker van Ecolo-icoon Gilkinet. Om de kwetsbaren uit de maatschappij die node een fiets willen stelen/ontlenen te beschermen? Diefstal als de ultieme herverdeling?

En nu nog een rechter vinden die dit ernstig neemt. Van Tichelt had het over afspraken met het parket. Niet evident in Gent. Misschien moeten de gedupeerden meester Rieder nemen, die maakt altijd indruk. Hij kan dan in de rechtbank een fietshelm opzetten. Straffen, zo beloofde de minister, zullen niet min zijn: tot 400 euro. Ik denk dat een speedpedelec meer opbrengt. Toch zouden Gentse rechters best streng mogen zijn. In België worden per dag 85 fietsdiefstallen aangegeven, in Gent 8. Dit is 9,5% van alle diefstallen, dit voor 2,2% van de Belgische bevolking. “L’occasion fait le larron” zou mijn vader zaliger gezegd hebben. Waar veel te stelen valt, wordt veel gestolen.

Tweedehands

Elke milieubewuste Belg gaat spaarzaam om met zijn of haar kleren. Wij gooien niets meer weg, we schenken het aan de kringwinkel, we droppen het in een kledijcontainer van het Leger des Heils of bij een inzamelpunt voor Gaza. Of we zetten het op Vinted. Elke jonge moeder heeft ongetwijfeld een account bij de Litouwse website, onder de kundige leiding van een Nederlander. En je weet wat ze hier zeggen van Nederlanders.

Draag je het niet, verkoop het dan. En je doet er de planeet een plezier mee. Wat er met de tweede-, derde- of vierdehands kledij uiteindelijk gebeurt, is van geen belang. De handen zijn gewassen in onschuld.  Het geweten is zuiver en groen, een niet te miskennen voordeel, zeker als je in Gent woont. En als het al eens misloopt, dan ga je beseffen dat er ergens een  koper rondloopt die je heeft opgelicht. Naïviteit heeft zijn prijs.

Tweedehands is de hedendaagse heilige graal van het jonge volk. Zelfs pasgeboren baby’s worden meegesleurd in de gutmenschdwang van jonge mama’s. Gewiekste profeten van degrowth stimuleren ouders in hun ecologisch dwangneurose om zeker niets nieuw te kopen voor hun verse oogappel. Nee aan de carbon footprint en nee aan het grootkapitaal. Websites als Micmacminuscule be, Pakske.be en Yesbaby.be moeten bij  Google ongetwijfeld flink wat kapitaal neertellen om bovenaan te staan als je zoekt naar verantwoorde babyspullen.

Tweedehands kruippakjes, pyjamaatjes en body’tjes creëren een nieuw lompenproletariaat. Wedden dat die bewuste mama’s later hun kinderen niet alleen nieuwe kleren ontzeggen maar ook een grote bron van eiwitten onder de vorm van vis of vlees. Dat ze hierdoor ook hun eigen kinderen zullen   degrowthen, zal hen worst of, beter gezegd, tofu wezen. Een nieuwe generatie pedante betweters wordt klaargestoomd om de wereld te veroveren:  veganisten in tweedehandskleren.

Tenzij… Tenzij die generatie de rafelige randjes van hun kleren en de hamburgers van de Vegetarische Slager beu worden en zich keren tegen hun ouders. Wie is er  nooit een opstandige puber geweest? Ik zie ze al thuiskomen met een Big Mac of een Ardeense saté, en die wellustig verorberen voor de neus van hun kombucha slurpende mama, of languit in de sofa  een Pallieterke doorbladeren naast hun De Morgen-lezende papa, of een foldertje van Het Vlaams Belang achteloos bovenop een stapeltje brochures van Natuurpunt gooien.  Of misschien overtuigen ze hun opa wel om hen voor hun zestiende verjaardag een tweedehandse brommer te kopen om nooit meer met een bakfiets te moeten rijden. Ze noemen dit “generatieconflict”.

Waarschuwing:  opstandige pubers mogen niet verkocht worden op 2ehands.be